Skip to main content

AVIG op weg naar het einde

Detail van een schilderij van Jan Steen
Detail van een schilderij van Jan Steen

Ik tel regelmatig na hoe het zit met het aantal alternatieve artsen. De laatste paar jaar heb ik me beperkt tot het natellen van hun beroepsverenigingen.

De AVIG is een fusie van de homeopaten (VHAN), de ‘biofysische’ artsen (ABB), de natuurartsen (ABNG) en de neuraal- en regulatietherapeuten (NVNR). Er zitten ook tandartsen bij, die tel ik ook mee.

NB. Elke gelijkenis van de bij dit artikel afgebeelde alternatieve genezers met bestaande personen in Nederland berust op toeval.

Al eerder was de ABB opgegaan in de ABNG, maar de ABB heeft nog steeds een eigen website met een eigen ledenlijst. Bij de leden van de ABNG moet je denken aan een voorliefde voor celtherapie, eigenbloedbehandeling en ozontherapie, chelatietherapie, darmspoelingen, kruidentherapie, supplementen, ayurveda en zelfs medische astrologie, een en ander in combinatie met leefstijl- en dieetadviezen. Wat daar allemaal zo natuurlijk aan is, ontgaat me, maar dit verhaal gaat voornamelijk over administratieve kwesties.

De AVIG bleek dit jaar met 285 leden op haar website te staan. Vorig jaar was het aantal 286, dus er lijkt niets veranderd.

Als je zoekt naar een arts op de site van de AVIG, blijken de leden onderverdeeld te zijn in vier ‘vakrichtingen’, corresponderende met de vier oorspronkelijke verenigingen.

Het is nogal een werk om dat na te gaan. Als je een zoekopdracht geeft, worden de resultaten gepresenteerd als een alfabetische lijst namen, maar zonder informatie over de vakrichting van betrokkenen. Bij de namen wordt ook een kaartje vertoond, maar als je informatie over een groter gebied vraagt, staat er slechts bij uitzondering op aangegeven wie waar woont.

Mijlpaal

Voor zover ik me kan herinneren was er vorig jaar nog een aparte VHAN-ledenlijst op de website van de VHAN, die niet helemaal klopte met de AVIG-lijst, ook al omdat toen me het verschil tussen ‘staat op AVIG-lijst en doet homeopathie’ met ‘lid van vakrichting homeopathie’ niet zo duidelijk was. Ook de nog steeds bestaande ABB-ledenlijst klopt niet met de AVIG-lijst. De bekende biofysische arts Durk M. (o.a. bioresonantie, elektroacupunctuur, lymebehandeling, ayurveda) staat op de ABB-ledenlijst, maar bij de AVIG is hij alleen lid van de homeopathische vakrichting, en niet van de biofysische vakrichting. Zou de verzekering dan wel betalen voor Durks biofysische behandelingen?

strandpaal-terschellingEr zijn ook 7 AVIG-leden die van geen der vakrichtingen lid zijn, 5 hebben kennelijk hun vakrichting homeopathie opgezegd, maar zijn wel AVIG-lid gebleven. Alles behoudens administratieve vergissingen bij de AVIG.
Ik heb naar beste vermogen geteld hoeveel leden de homeopathische vakrichting heeft. Ik beperk me tot Nederland. Er waren vorig jaar 179 in de vakrichting homeopathie en dit jaar 168. Dat is een flinke teruggang. Het aantal AVIG-leden van de homeopathierichting is daarmee gezakt tot minder dan 1 per 100.000 Nederlanders. Dat is toch een soort mijlpaal. Er zijn twee nieuwe homeopaten toegetreden, een waarnemend huisarts zonder eigen website, en een voormalige SEH-arts met een praktijk in Noord-Brabant, die volgens de AVIG-adreslijst nog steeds in een dorpje in Zeeuws-Vlaanderen woont. De gemiddelde leeftijd in de homeopatenvakrichting is ongeveer 61 jaar.

Zoals al aangegeven hebben sommige homeopaten hun vakrichting opgezegd, maar niet hun AVIG-lidmaatschap. Onder de nieuwe leden zijn diverse homeopaten die niet bij de homeopathierichting staan. Zo is daar Marleen J. (artsexamen 1995) die in 2010 de driejarige ‘Postacademische’ opleiding homeopathie ging volgen en die gewag maakt van het wetenschappelijk gehalte daarvan.

Nogal wat van de 16 ‘nieuwelingen’ had ik al staan als lid van een orthomoleculaire of moermanclub. Maar er is ook Marijse D., die kinderanesthesioloog wilde worden, maar halverwege haar opleiding meer zag in reiki en Emotional Freedom Technique. Ook Vanessa de V. illustreert de grote verscheidenheid van belangstelling onder de ‘natuurartsen’: kno-arts tot 2012, daarna burn-out, thans coach in Body and Mind Management. Het is volstrekt onduidelijk of ze nog echte zieken behandelt. Op de artistieke foto op haar Witch-Doctorwebsite ziet ze eruit alsof ze haar stethoscoop aan de wilgen zou hangen, als er maar wilgen in de buurt waren. Rita Z. is kinderpsychiater en behandelt met homeopathie, orthomoleculaire geneeskunde en fytotherapie om ‘de patiënt weer in zijn eigen kracht te zetten’ (haar woorden, ik verzin het niet). Ze is AVIG-lid geworden zonder specifieke richting.

Van anderen dan homeopaten zijn er ook wel opzeggers, maar het zijn er maar vier: een overleden, een tamelijk jong (54) uitgeschreven als arts (bedrijf al anderhalf jaar opgeheven), en twee die de 65 ruim gepasseerd waren.
Er is nogal wat overlap tussen de andere drie vakrichtingen, ik beschouw ze maar als één geheel voor teldoeleinden, en de personen zonder ‘vakrichting’ tel ik ook maar als niet-homeopaat.

Rommeltje

Het is niet zo duidelijk of de AVIG-ledenadministratie klopt. Er zitten behoorlijk wat fouten in. Ik trof foutieve of onvolledige postcodes, vrouwen die als man worden aangeduid, spelfouten in straatnamen, ontbrekende plaatsnaam, en ontbrekende initialen; in één geval staat er alleen maar een naam zonder enig adres en in een ander geval een fantasie-familienaam die niet in het BIG-register voorkomt. Bij zoveel fouten – die er al jaren in staan –  kunnen de gegevens van wie in welke vakrichting zit ook best fout zijn. De adressen kunnen trouwens ook wel verouderd zijn, zoals het voorbeeld van de Zeeuws-Vlaamse homeopaat leert. Ik snap niet dat het bestuur, dat wordt bijgestaan door twee secretariële krachten, zo’n moeite heeft om hun ledenbestandje correct te krijgen. Zouden de leden er zelf niet om geven hoe hun vereniging hen aan het publiek voorstelt?

Het is natuurlijk mogelijk dat de betrokkenen zelf hun gegevens ergens moeten invoeren, en zelf de fouten gemaakt hebben, en ‘dhr/mw’ verkeerd hebben aangevinkt of andere tikfouten en omissies hebben begaan. Elke ledenadministratie is bekend met het feit dat leden fouten maken in de invoer van de eigen gegevens. Maar ook dan is onbegrijpelijk dat genoemde Zeeuws-Vlaming met het openen van de praktijk niet even zijn eigen AVIG-vermelding heeft aangepast.

In verband met het administratieve zooitje van de AVIG-site kan ik me vorig jaar wel iets verteld hebben. Er zijn ook enkele ‘herintreders’: die waren eerder uitgeschreven, maar staan er nu weer bij. Ik denk dan: misschien hebben ze gewoon vorig jaar de contributie te laat betaald, bijvoorbeeld omdat de factuur naar een oud adres is gestuurd. Hoe dan ook, dit zijn de uiteindelijke resultaten:

1. homeopathische vakrichting: 168, was 179; er zijn 2 nieuwe leden en 5 herintreders; 13 zijn er vertrokken als AVIG-lid en 5 vertrokken uit de vakrichting.
2. andere vakrichtingen: 136, was 124; van die 136 zijn er 19 tevens lid van de homeopathische vakrichting; nieuwe leden: 16, vertrokken: 4.

Ter vergelijking: voor de vier organisaties AVIG, NAAV (acupunctuurartsen), de NVOMG (manuele en orthomanuele artsen) en de NVAA (antroposofisch artsen) is het totale ledenaantal na verrekening van overlappingen 699 personen. Dat is 0,7% van het totaal aantal BIG-geregistreerde artsen en tandartsen. Het afgelopen jaar zijn er bij deze vier verenigingen 58 vertrokken of overleden, terwijl er 30 nieuwe leden waren, en 15 herintreders. Dat is natuurlijk afgaande op de ledenlijsten op internet. De clubs kunnen nog wel extra leden hebben die niet als praktiserend staan vermeld. Hoe dan ook, het alternatieve gedokter is numeriek een uiterst marginaal randverschijnsel.

Ik ben in 2008 begonnen met mijn tellerij, en hier is wat van de resultaten te vinden. Daar staat ook wat uitvoeriger wat er zoal onder natuurgeneeskunde valt. In 2011 volgde een nieuw bericht met nadruk op de verdeling over leeftijdsgroepen en over verschillende provincies.

 

Herregistratie

Men zou denken dat de neergang van de homeopathische artsen nog wel enige tijd in beslag gaat nemen. Gezien hun gemiddelde leeftijd is ongeveer de helft binnen vier jaar aan pensioen toe. Traditioneel gold in Nederland: eens een arts, altijd een arts, behalve als je iets Heel Ergs doet. Dus ongeveer zoals het doopsel in de christelijke kerk. Of de adelstand. Artsen met een aanvullende bevoegdheid (medisch specialisten, huisartsen, bedrijfsartsen en dergelijke) moeten allang om de vijf jaar aantonen dat ze er nog iets van kunnen. Ze moeten aan bijscholing gedaan hebben en voldoende ervaring in het vak hebben. Maar ook artsen die geen specialist zijn, moeten nu herregistreren. Men moet vijf jaar lang gemiddeld 8 uur per week actief geweest zijn. Een belangrijke passage in de uitleg (zie de website van het BIG-register) over wat dat exact inhoudt is:

Het verlenen van zorg die niet tot de reguliere gezondheidszorg wordt gerekend mag niet als relevante werkervaring voor herregistratie in het BIG-register worden geteld. Hiertoe behoren homeopathie en acupunctuur maar ook andere interventies en therapieën die niet passen binnen de kaders van het deskundigheidsgebied waarvoor de zorgverlener in het BIG-register geregistreerd is.

Artsen die voor 2013 artsexamen hebben gedaan, moeten zich uiterlijk 31 december 2017 herregistreren (andere BIG-geregistreerden moeten eind dit jaar hun registratie in orde hebben, voor zover de herregistratie niet al veel eerder in werking was getreden). Wie dan niet voldoende reguliere doktersuren heeft gemaakt, mag zich ‘arts niet praktiserend’ noemen. Iedereen die voltijds quMljHTalternatief actief is, mag natuurlijk als genezer doorgaan, net zoals de doorgehaalde Millecam-arts C.J.M. Broekhuijse (zich noemende René Broekhuyse). Ik denk niet dat ze een bordje ‘arts niet praktiserend’ bij de ingang van de praktijk gaan ophangen. Zonder artsentitel maakt een genezer echter een stuk minder indruk. Dit zal met name voor de AVIG grote veranderingen brengen. Daar is maar circa een zesde wat meer dan basisarts. Het voltallige huidige bestuur zal op 1 januari 2018 de artsentitel kwijt zijn. Die zijn allemaal voltijds werkzaam in een alternatieve praktijk.

Voor de acupunctuurartsen van de NAAV en de (ortho)manuele artsen van de NVOMG zijn de vooruitzichten iets gunstiger: daar is een derde geen basisarts. Maar de artsen in het NAAV-bestuur zijn gemiddeld 67 jaar en hebben ook alleen een alternatieve praktijk. De voorzitter is een 70-jarige gepensioneerde tandarts. De antroposofische artsenvereniging NVAA zal misschien minder te lijden hebben. Van de op dit ogenblik circa 90 leden is maar een derde basisarts. Het bestuur bestaat voor meer dan de helft uit huisartsen.

Trouwens, niet alleen verenigingen krijgen het moeilijk, ook alternatieve praktijken die zich als ‘Artsencentrum’ afficheren, zullen iets moeten doen, ik denk aan die op de Deurloostraat in Amsterdam, de Koningsweg in Utrecht en de Orderparkweg in Apeldoorn. Die zullen zich moeten omdopen tot Gezondheidscentrum of zoiets. Zelf zal ik op 2 januari 2018 nogal wat werk hebben om te controleren wie van de grofweg 1000 alternatieve artsen er nog in het BIG-register staan.

De artsen die gewoon doorgaan als genezer, hoeven alleen lid te zijn van een of andere club, dan worden hun verrichtingen wel vergoed door verzekeraars. Slechts enkele verzekeraars eisen dat de behandelaar arts is.

Toen de regering tien jaar geleden plannen maakte om ook basisartsen te laten herregistreren was het duidelijk dat de alternatieven buiten de boot zouden dreigen te vallen. De alternatieve protesten toen hebben niets geholpen, en mogelijk heeft het btw-gedram van de alternatieve artsen bijgedragen tot hun uitsluiting. Ik weet niet wat de plannen van de alternatieve artsenverenigingen zijn. Vanaf 2018 zal alternatieve activiteit van artsen nog slechts een nevenactiviteit kunnen zijn.

Dit artikel delen:Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someonePrint this page

7 gedachten over “AVIG op weg naar het einde

  1. Die vermelding “niet praktiserend” is niet vrijblijvend! Uit uw artikel zou je dat mogelijk kunnen concluderen. Je mag je na schrappen uit het BIG-register echt alleen nog maar arts niet-praktiserend noemen. Maar of er gehandhaafd gaat worden, is natuurlijk de vraag.

  2. Uiteraard is die niet vrijblijvend. Ik bedoelde dat ik het nog niet zie gebeuren dat een genezer op zijn bordje bij de deur schrijft:

    Praktijk voor holistische energetica
    René Hemdsmouw
    (arts niet praktiserend)
    spreekuur volgens afspraak

    Iedereen zou zich afvragen: hoe kan-ie nou een praktijk hebben en toch niet
    praktiseren?

    Als iemand is uitgeschreven, dan is IGZ tamelijk streng met misbruik van de termen arts
    en dokter, zeker als iemand dat op een website of zo schrijft.

    Hoe gaan ze het dan wel doen? Kijk maar eens bij:
    http://dnhresearch.com/over-ons

  3. Jaja, gewoon er omheen kletsen en vertellen over vroeger toen men nog niet in alternatieve goochelkunstjes was vervallen.

    Wij zijn het in ieder geval eens. Dat dacht ik overigens al.
    Hartelijk dank nog voor het leerzame overzicht.

  4. Een beetje copywriter weet altijd wel een tekst te maken waarbij de indruk ‘arts’ blijft hangen. Maar het zal toch klanten kosten en dat zie je bijvoorbeeld aan de moeite die chiropractors doen om de (Amerikaanse) dokterstitel te mogen voeren. Ik heb zelf vrienden gehad die het argument “maar hij is een echte dokter” hanteerden.

    Belangrijk is dat de combinatie arts-kwakzalver moeilijker zal worden door de nieuwe registratie.
    De arts-kwakzalver verenigingen zullen door vergrijzing en herregistratie sterk krimpen of verdwijnen en daardoor mogelijk ook minder artsen verleiden om kwakzalverij op te pakken.

  5. Belangrijk is dat de combinatie arts-kwakzalver moeilijker zal worden door de nieuwe registratie.
    De arts-kwakzalver verenigingen zullen door vergrijzing en herregistratie sterk krimpen of verdwijnen en daardoor mogelijk ook minder artsen verleiden om kwakzalverij op te pakken.

    Laten we het hopen. Het zou een belangrijke stap in de goede richting zijn.

  6. Dus hoeveel alternatieve artsen zijn er nu? En hoeveel waren dat er een paar jaar geleden? Dat zijn toch interessante kerncijfers.
    Is het ook niet interessant voor Skepsis om zelf een lijst met alternatieve artsen uit de diverse richtingen bij te houden, bij wijze van cross-check?

  7. Ik heb inderdaad een lijst met alternatieve artsen. Maar het is moeilijk om het bij te houden. In 2008 vond ik 880 leden van de (toen) zes belangrijkste clubs van alternatieve artsen. Daarnaast stonden er in de Geneeskundige Adresgids nog een 370 die niet lid van zo’n club waren, en vlijtig zoeken op internet nog eens 100. Samen 1350. Alleen ben je er nooit zeker van of ze nog allemaal praktiseren.

    Ik controleerde wel of ze nog in leven waren door ze op te zoeken in het BIG-register.

    In 2011 stonden er 1459 personen op mijn lijst, maar daarvan waren er ca. 20% 65 jaar of ouder. Nou komt doorgaan na 65 regelmatig voor bij alternatieve artsen, maar daar staat tegenover dat er ook zijn die eerder ophouden. Dat suggereert dat er toen ca. 1200 actief waren.

    Daarom kijk ik nu alleen nog maar naar leden op websites van die clubs. In 2011 was het gezamenlijke aantal van de belangrijke clubs tot 840 gedaald. Nu, in 2016 is het aantal in mijn telling 699. Op basis van gegevens van vorige jaren moet je circa 50% optellen bij de georganiseerden om het totaal aantal te krijgen.

    Ik heb mijn bestand vergeleken met wat de Zorgkaart van Nederland aan alternatieve artsenpraktijken vermeldt.

    https://www.zorgkaartnederland.nl/artsenpraktijk-voor-alternatieve-geneeskunde

    beweert dat er 439 zulke praktijken zijn met 441 basisartsen, 13 huisartsen en 22 overige artsen, dus 475. Ik vond er slechts enkele die nog ontbraken in mijn lijst en het totaal was slechts 416.

    Er zijn nogal wat artsen die in twee of zelfs drie praktijken werkzaam zijn, en ik vond er zelfs enkele die met hetzelfde praktijkadres tweemaal vermeld stonden. Dat geeft bij de Zorgkaart nogal wat dubbeltellingen. De Zorgkaart is om een andere reden onbetrouwbaar. Er staan zelfs overleden artsen op. Ook de adressen kloppen niet altijd. Die homeopaat die al anderhalf jaar geleden zijn bedrijf beëindigde en die ook niet meer als arts is ingeschreven staat er nog steeds in, met twee praktijkadressen nog wel.

    De frase “Is het ook niet interessant voor Skepsis om zelf een lijst met alternatieve artsen uit de diverse richtingen bij te houden,…” begrijp ik niet helemaal. Dat doe ik nu toch al acht jaar?

Reacties zijn gesloten.