Skip to main content

Genezende magneten en stralende mobieltjes

De biofysicus prof. em. Roland Glaser (1935, foto) schreef een boek over alle gezondheidsaspecten van elektriciteit en magnetisme. Het is getiteld Heilende Magnete – strahlende Handys; Biolelektromagnetismus: Fakten und Legenden (2008). Er staat heel veel in, en het is bevattelijk uitgelegd voor leken.

De fascinatie voor magneten dateert al van voor de tijd van Frans Anton Mesmer (1734-1815). Ze vormden het treffendste voorbeeld van een invloed op afstand. In die tijd werden elektriciteit, magnetisme, zwaartekracht en levenskracht slecht begrepen en was het begrip energie nog iets van de toekomst. Mesmer had in 1776 ontdekt dat echte magneten niet nodig waren om personen te genezen, dat kon hij ook met zijn handen.

In 1778 maakte hij grote furore in Parijs, in 1784 deed een koninklijke commissie het af als suggestie en Immanuel Kant schreef in 1790 dat pogingen om de claims over het dierlijk magnetisme te weerleggen zinloos waren. Minachtend zwijgen was maar het beste voor zulke waanzin. Maar aan het begin van de 19de eeuw keerde het getij weer onder invloed van de romantische natuurfilosofie. De arts Carl Christian Wolfart vertaalde (Mesmerismus oder System der Wechselwirkungen, 1814) Mesmers boek waarvoor die in Parijs geen uitgever had kunnen vinden, en Wolfart werd op aanbeveling van de beroemde Hufeland hoogleraar natuurfilosofie in 1817, een baan die toeliet dat hij daarnaat nog een drukke praktijk als mesmeristisch genezer had. In Frankrijk had de markies de Puységur al in 1785 een boek geschreven over de magnetische slaap (later hypnose genaamd). De fascinering voor onzichtbare krachten ging dus twee kanten uit: enerzijds het geloof aan de genezende kracht van magneten en anderzijds de activiteit van magentiseurs en hypnotiseurs.

Waar die vermogens van magnetiseurs vandaan kwamen was niet zo duidelijk. Zouden spierbewegingen misschien magnetische krachten opwekken? In feite doen ze dat, maar de magnetische velden die actieve spieren en zenuwen om zich heen veroorzaken, zijn ongeveer 40 miljoen maal zo zwak als het aardmagnetisch veld. Die waren toen niet te meten. Nu wel, met SQUIDs. Dat ze er zijn hoeft geen verwondering te wekken, want zenuw- en spieractiviteit veroorzaken bewegende ladingen (hoe, dat legt Glaser nauwkeurig uit), en waar ladingen bewegen, daar is magnetisme. Ook het magnetisme van ijzer is in laatste instantie een effect van tollende elektronen diep in ijzeratomen, maar zelfs nu zijn er maar weinigen die precies weten waarom het juist in metallisch ijzer energetisch voordeliger is voor ongepaarde spins om dezelfde kant op te wijzen.

Glaser besteedt een heel hoofdstuk aan de uitleg waarom water en dergelijke niet gemagnetiseerd kunnen worden. De atomen in water, of beter hun kernen ondervinden wel invloed van magnetisme, maar dan moet men denken aan het veld in een MRI-machine, 100.000 maal zo sterk als het aardmagnetisch veld. Zelfs dat veld laat geen blijvende sporen in water achter. Water heeft wel ‘structuur’, maar de waterstructeren ontstaan en vergaan voortdurend, en na een miljardste seconde is elke lokale structuur vernield door de warntebeweging en vervangen door een andere. Glaser legt het allemaal uit.

Wonderlijke zintuigen

Een aantal hoofdstukken van het boek gaan over de wonderlijke vermogens van allerlei dieren om elektrische en magnetische velden waar te nemen. In vele gevallen is niet eens goed bekend hoe ze dat doen. Wijzelf kunnen behoorlijk goed horen en zien, en dat doen we doordat we gespecialiseerde organen hebben die signalen versterken, met behulp van gemiddelen nemen de ruis wegfilteren enzovoorts. Zo is het met al onze zintuigen: de detectie van reëel bestaande signalen wordt door schijnbaar kunstig in elkaar gezette (maar in werkelijkheid in de loop van miljoenen generaties geperfectioneerde) organen en zenuwschakelingen enorm verfijnd. Sommige slangen kunnen stralingsbronnen onderscheiden die een duizendste graad verschillen, wat pech is voor de muis die zich in het donker probeert te verstoppen. Haaien en roggen kunnen zelfs elektrische velden waarnemen van enkele microvolt per meter. Zo kan een hondshaai een onder het zand liggende schol detecteren door het elektrische veld van de elktrochemische transportprocessen in de kieuwen van de schol te ‘zien’. Er zijn ook vissen die zelf elektrische velden opwekken en de deformaties van het veld gebruiken om zich ook in modderig water te oriënteren en prooien te vinden. Terzijde zij opgemerkt dat dit ook een van de redenen is om telepathie niet serieus te nemen: er is geen signaal en er zijn geen gespecialiseerde organen voor – dit nog afgezien van het feit dat als telepathie zou bestaan het een krachtig communicatiemiddel zou zijn (dus waarom is het niet geëvolueerd tot een nauwkeurig zintuig?) en ook afgezien van het feit dat telepathie nog nooit behoorlijk is waargenomen onder gecontroleerde omstandigheden.

Elektrisch machinelawaai

Glaser besteedt het hele hoofdstuk 7 aan de vraag of magneten kunnen genezen. Het antwoord is een heel klein beetje ja. In hier boven gelinkte stuk in Skepter heeft Glaser het al beknopt uitgelegd, maar in zijn boek staat het veel uitvoeriger. Het komt erop neer dat de gebruikelijke producten als hangers, magneetpleisters, magnetische inlegzooltjes enzovoorts niet kunnen werken. Bij sommige zijn de claims al zo onzinnig (het ionenevenwicht herstellen, magnetisch water) dat we er niet serieus naar hoeven kijken, en bij andere claims blijken de velden vaak duizendmaal zo zwak te zijn als als nodig is om ook maar in de buurt te komen van een effect op het menselijk lichaam.

Behalve magnetisme is er ook elektriciteit. De studie daarvan begon al in de zeventiende eeuw, maar kwam pas goed op gang rond 1750: statische elektriciteit, de aard van bliksem, en de ontdekkingen van Galvani (met de bewegende dode kikker) en Volta. De elektriciteit was van meet af aan minder geheimzinnig dan magnetisme. Men kon met een elektriseermachine en een Leidse fles 180 soldaten gelijktijdig laten springen. Pas in 1820 kwamen de eerste aanwijzingen dat stromende elektriciteit iets met magnetisme van doen had.

In het menselijk lichaam is elektriciteit heel belangrijk. De celwand is een goede isolator en tal van processen worden geregeld door ionenpompen die geladen deeltjes de cel in of uit dragen, waardoor spanningsverschillen ontstaan. Glaser legt de details nauwkeurig uit. Hij besteedt aparte hoofdstukken aan de werking van de zenuwen en de rol van elektrische velden en stromen in het lichaam.

Wat men bij een elektro-encefalogram (EEG) of een elektrocardiogram (ECG) meet, is als het ware de herrie die de elektrische machine maakt die ons lichaam is. Bij dat meten moet men trouwens vele maatregelen nemen om allerlei meetfouten te vermijden. Onze zenuwen en spieren veroorzaken bij hun werking elektrische velden. Zouden die velden ook voor communicatie kunnen dienen? Glaser denkt van niet. Afgezien nog van de zwakte van die signalen is het natuurlijk zo dat onze eigen zenuwen goed zijn afgeschermd van deze elektrische herrie.

Bolbliksem

Ondertussen vertellen de beoefenaren van de bioresonantie en elektroacupunctuur hier de meest belachelijke onzin over. Tevergeefs zoekt men op talloze websites van aanbieders hiervan naar wetenschappelijke literatuur of zelfs maar technische gegevens. De enige ontwikkeling die men ziet is dat er telkens geliktere computerprogramma’s om al die onzin heen wordt gebouwd. Iets serieuzer zijn TENS-achtige apparaten. Deze sturen via op de huid aangebrachte elektroden enkele malen per seconde korte pulsen gelijkstroom (pulsduur 0,0001 seconde) of wisselstroom van 4-32 kHz en stroomsterkten tot 10 mA. Daardoor worden de perifere zenuwen licht geprikkeld. Het kriebelt een beetje. Of het meer dan een placebo-effect teweegbrengt, daar zijn de medici nog steeds niet uit.

Het weer, en met name onweer, wordt uitvoerig besproken, en het interessantst vond ik Glasers verhaal over de bolbliksem: een langzaam zwevend lichtend object van wel een halve meter diameter dat opeens verdwijnt. Het is misschien helemaal geen fysiek verschijnsel, maar een zogeheten magnetofosfeen, een soort ‘sterretje’ (analoog aan wat je ziet na een klap op je hoofd) ten gevolge van het enorme magnetische veld rond een nabije blikseminslag. Helaas kunnen we niet dergelijke sterke velden in het laboratorium opwekken. Met zwakkere velden kunnen wel zwakkere ‘lichtflitsen’ in het gezichtsveld worden veroorzaakt. In het laboratorium kunnen geen bolbliksems worden opgewekt, er zijn geen foto’s van het verschijnsel en bij een gelegenheid waar meerdere personen aanwezig waren zagen divere personen ze: in de badkamer, in de woonkamer en in de keuken, niemand zag ze op dezelfde plaats. Als het om een reëel verschijnsel gaat zou het toch een bol warm gas zijn en dan moeten opstijgen. Een probleem is dat allerlei andere onbekende lichtverschijnselen ook als bolbliksem worden aangeduid.

Surrogaatreligie

In alternatieve kringen verneemt men vaak over de zogeheten Schumann-frequenties, die van groot belang voor de gezondheid zouden zijn. Het systeem van aarde, lucht en ionosfeer is op te vatten als een trillingskring, die dan ook een bepaalde eigenfrequentie heeft. De langste trillingstijd is in de orde van de tijd die het een elektromagnetische golf kost om eenmaal om de aarde te gaan, namelijk 8,3 Hz; er zijn ook boventonen. Dit systeem werkt dan als een grote zeeschelp waarin het omgevingsgeruis resoneert. Bij de aarde komt het elektrische omgevingsgeruis voornamelijk van al het onweer op aarde. Dit elektromagnetische ruisen bij de Schumann-resonanties heeft geen enkel effect op of verband met de menselijke gezondheid.

Het boek bevat nog veel meer, bijvoorbeeld over elektrogevoelige personen. Dit zijn mensen die menen ziek te worden van elektromagnetische velden. In Zwitserland hebben de lijders meestal last van hoofdpijn en slapeloosheid, voornamelijk toegeschreven aan telefonie (zendmasten, mobieltjes, en draadloze telefoontoestellen), terwijl in Scandinavisch landen huid- en hartklachten ten gevolge van computers de boventoon voeren. Maar bij geblindeerde proeven blijft er niets over van zulke klachten. Gezondheidsklachten treden trouwens vaak op bij de invoering van nieuwe technologie. Glaser geeft het voorbeeld van de telegrafie en het gebruik van stalen schrijfpennen in plaats van ganzenveren (1830).

Er staat zoveel in dit boek, en zoveel goed uitgelegde details, maar niettemin compact opgeschreven dat het onmogelijk in een recensie is samen te vatten. Vooruit: nog twee dingen. Ten eerste: de uitleg op pagina 253 over p-waarden slaat nergens op. Het enige dat klopt is de opmerking dat je met statistische proeven nooit absolute zekerheid bereikt. De auteur is geen statisticus. Ik vind het wonderlijk dat hele goede wetenschappers van zelfs de eenvoudigste statistiek soms niet genoeg weten, maar dit is helaas een feit.

Ten tweede: in het laatste hoofdstuk stipt Glaser de vraag aan waarom er zoveel bijgeloof is over elektriciteit en magnetisme. Hij verwijt de media dat ze maar wat kletsen, en hij ziet allerlei bijgeloof als een surrogaatreligie.

Volgens mij komt hij er niet helemaal uit. De media leveren gewoon wat de lezers graag willen horen: hoe meer lezers, hoe meer advertentieomzet. Voor veel mensen is ‘verklaring van de natuur’ iets dat ze maar zijdelings interesseert. Dat is ook niet de rol van religie, surrogaat of niet. Als mensen zich echter bedreigd voelen, bijvoorbeeld in hun gezondheid, zoeken zij steun bij beterweters, of ze proberen simpele oorzaken voor hun ellende aan te wijzen, als het even kan andere mensen. Hoe wekken de beterweters bij hun schaapjes de indruk dat ze over belangrijke kennis beschikken? Dat doen ze door het jargon van de wetenschap te imiteren, want in onze maatschappij hebben wetenschap en techniek een enorm aanzien, en terecht.

Bij alle kritiek die men kan hebben op de baarlijke onzin die allerlei genezers en complotdenkers en pseudowetenchappers uitkramen, en trouwens ook bij kritiek op allerlei onmogelijke sciencefiction (ruimteschepen die vroemvroem doen in het vacuüm, of Superman voor wie de wet van behoud van impuls niet geldt) moet men de verborgen boodschap in al die onzin blijven onderkennen. Die luidt namelijk: die machtige en mooie wetenschap en techniek, daar horen wij ook bij hoor!

59 gedachten over “Genezende magneten en stralende mobieltjes

  1. Aardig artikel, vooral de conclusie.

    Bijgeloof als surrogaat-religie…
    Een vraag: wat is het verschil tussen religie en surrogaat-religie ofwel bijgeloof? Ik zie geen enkel verschil. Dat heeft nog nooit iemand me duidelijk kunnen maken. Maar ik volg nu eenmaal geen enkele religie. Mag ik het zo uitleggen dat religie, dus met inbegrip van het genoemde bijgeloof inzake natuurwetenschappen, berust op beterweters die zogenaamd belangrijke onzin uitkramen?

  2. Religie betekent weder-verbinding, D.w.z. weer in contact komen met zijn “hemelse” afkomst/bestemming.
    Een ander element is dat religie een (massaal) navolgen is van een verkondiger, die beweert contact/ openbaring te hebben ontvangen van boven-natuurlijke (“goddelijke”)bron.
    Religie klinkt mij altijd wat benauwend, want je “moet” meedoen, anders heb je de goddelijke boodschap gemist etc. Ik denk wel, dat religies inhoudelijk terugwijzen op een bestaansdimensie, waar je wetenschappelijk de vinger niet achter krijgt, omdat wetenschap uitgaat van reproductie/ reproduceerbaarheid van zintuiglijk waarneembare fenomenen. Echter op zijn beurt wordt de “openbaring” veelal verabsoluteerd en verwordt de religieuze leer tot een verbastering van subtielere/ genuanceerdere waarheden en ethische leefregels.

    Belangrijkst is uiteindelijk, dat de religieuze zelf
    vorm geeft aan zijn levensbeschouwing. Bekrompen mensen kun je aantreffen in ruimdenkend milieu, en ruimdenkende mensen kunnen evengoed worden aangetroffen in een strenge geloofsgemeenschap, waar je ze niet 1-2-3 zou verwachten.

    TVDS

  3. Hier kan ik gelukkig wel iets over zeggen. Glaser verwijst naar Peter L. Berger, Sehnsucht nach Sinn. Glauben in eine Zeit der Leichtgläubigkeit (1994).

    http://www.amazon.de/Sehnsucht-nach-Sinn-Peter-Berger/dp/3579013238

    Berger vind dat de moderne mens geen relgieuze bindingen meer heeft. Hij denkt dus waarschijnlijk aan georganiseerde religie in Duitsland of West-Europa.

    Glaser heeft het dan over Ersatzreligionen en legt een verband met de tijd dat de mens vuur en onweer in een religieus wereldbeeld probeerde in te passen.

    Volgens Glaser had de Kerk de mystieke behoeften van de mensen gekanaliseerd en daardoor ook beperkt of ingekneld.

    Diverse bewegingen gingen tegen de onttobvering van de wereld in: de opbloei van de romantiek na de verlichting, een soortgelijke beweging begin 20ste eeuw en nu weer.

    Ik denk dat ‘Ersatz’ slaat op het verschijnsel dat al die bewegingen zoals bioresonantie, chakrageloof en flarden oosterse religie niet die alomvattende breedte hebben van de christelijke religies in West-Europa (dus een gedetailleerde leer over het onzichtbare, maatschappelijke organisaties zoals scholen, kloosters, verenigingen, ziekenhuizen, politieke partijen en dagbladen, voorts: kerkgebouwen, uitvoerige rituelen inclusief nationale feestdagen, nadrukkelijk gebrachte aanspraak op zeggenschap over ethiek en moraal, en veel literatuur).

    Wat dat betreft is de Stichting Stop UMTS nog lang niet waar de R.-K. Kerk is.

    Overigens denk ik dat de gevestigde religie aan belangstelling verliest omdat ze niet mee willen doen aan de wetenschap. Ze hebben wel microfoons en websites enzo, maar de illusie scheppen dat het geloof het neusje van de zalm op wetenschappelijk gebied is (dus zoals homeopaten die de kwatummechanica erbij halen), daar zijn te fatsoenlijk voor. Want laten we wel wezen: je voordoen als wetenschappelijk terwijl je het niet bent is een ernstige vorm van oneerlijkheid.

  4. @Jan Willem Nienhuys

    Het moment, dat mijn interesse voor het Katholieke geloof een domper kreeg, was toen in de godsdienstles (ik was 13 jaar) er niet meer dieper werd ingegaan op de inhoud/achtergronden van leven en dood, maar werd overgegaan tot het vergelijken met andere religies.
    Je zou inderdaad kunnen stellen dat religie niet de dynamiek en actualiteit kent van wetenschappelijk onderzoek. (Af en toe een wonder, dat na vijven en zessen wordt bijgeschreven in de annalen van het Vaticaan en dat was het dan.)
    Ook zijn na WO 2 door de modernisering van de samenleving en toename van mobiliteit en communicatie de geloofsgemeenschappen sociaal opengebroken waardoor de Boodschap ondersneeuwt in nieuwe inzichten. Ook de Arabische wereld zal zoiets gaan doormaken.

    TVDS

  5. Heren, heren, ik vroeg gewoon naar het verschil tussen geloof en bijgeloof. Naar mijn idee is er geen verschil…

  6. Van Dale geeft een aantal omschrijvingen van ‘geloof’ die overeenkomen met godsdienst. Ik vat samen:
    2 – het aanvaarden van het bestaan van een godheid;
    3 – overtuiging dat andere hogere of niet-menselijke wezens bestaan (geestengeloof, heksengeloof);
    4 – vertrouwen in wezenlijke waarden die het hogere leven van de mens betreffen (geloof in de wetenschap, vooruitgangsgeloof);
    5 – een bepaalde vorm van godsdienstige overtuiging.

    bijgeloof is echter volgens Van Dale:
    1 – niet op een godsdienst stoelend geloof aan bovennatuurlijke werkingen of verschijnselen, met name zulke die in het menselijke leven ingrijpen;
    2 – (minachtend) benaming voor een ander godsdienstig geloof dan van spreker of schrijver.

    Van Dale omschrijft godsdienst als een woord dat als synoniem met geloof gebruikt kan worden, en geeft
    2 – de gezamenlijke leerstellingen en plechtigheden van een kerkgenootschap.

    Dus een van de betekenissen van geloof is dat het gaat over god en een omvangrijk geheel is van leerstellingen en plechtigheden van een groep mensen.

    In de bredere zin is het allerlei overtuigingen betreffende het bovennatuurlijke of hogere, en een van de vormen is ‘bijgeloof-1’ dat uitdrukkelijk niet over god gaat en waar geen kerkgenootschap bij hoort.

    Van Dale probeert alleen maar zo goed mogelijk te omschrijven op welke manier deze woorden gebruikt worden. Het komt me voor dat Hans het meest voelt voor bijgeloof-2, en dat hij geloof-2, geloof-3, geloof-5 en bijgeloof-1 eigenlijk identificeert.

  7. Naar de louter skeptische buitenstaander toe is er inderdaad geen verschil. Het is allebei volgens deze ongegrond.
    Verschil zit in de beleving van de gelovige of bijgelovige. Gelovig is planmatig realiteits-overstijgend, bijgelovig is phenomenisch ad hoc.

    Aardige toets: de gebezigde term Chakra-geloof in de discussie. Als er in chakra’s wordt gedacht in gesprekjes / workshops etc. kun je dit afdoen als bijgeloof. Als er een verdiepte theosofische of Indiase traditionele leer als achtergrond wordt bij gehaald (d.w.z. een religieus kader) dan wordt dit een chakra-geloof.

    Echter: als iemand tot eigen verrassing voor zich waarneemt en rapporteert, dat hij kleuren rond mensen ziet (wat in de wetenschap als syn-esthesie wordt geduid) en op zeker moment in die kleuren ook trechter- en bol-vormige structuren op zekere lichaamshoogtes waarneemt (Croiset), kan hij in de boeken over chakra-geloof (theosofie) zijn eigen waarnemingen terug leren kennen. En verder worstelen met de vraag of het wel louter over bijgeloof/geloof ging, of dat hij iets meemaakt, waar anderen hem niet meer kunnen/willen volgen. En als hij of een ander (Wim Gmelig Meijling)bij het overlijden van een ander ervaart, hoe die wervelingen opener en losser worden en uiteindelijk zich een soort dubbel-lichaam losmaakt in het stervende lichaam, dan wordt de worsteling nog zwaarder: ervaart hij een psychose en is opname gewenst of wordt het tijd een nieuwe weg in te slaan en zijn levensbeeld grondig te herzien?

    TVDS

  8. Toon v.d. Sandt kan ik helaas absoluut niet volgen. Toch dank voor de reactie.

    Jan Willem Nienhuys ook dank voor de heldere reactie. Het komt me voor dat Van Dale het zo systematisch wil verwoorden dat je er alle kanten mee op kunt.

    Persoonlijk houd ik het er vooralsnog maar op dat bijgeloof een soort geloof is dat niet onder te brengen is bij leerstellingen en plechtigheden van een bepaald (kerk)genootschap. Dat impliceert dan dat wat de een bijgeloof vindt,dat voor een ander niet zo hoeft te zijn, aangezien iedere geloofsrichting eigen leerstellingen en plechtigheden kent. Zo redenerend, zie ik geen verschil tussen geloof en bijgeloof.

  9. Dit gaat allemaal te ver weg van het thema ‘bio-elektriciteit en -magnetisme’.

  10. @ Jan-Willem

    Dominees in het Amerikaanse Zuiden zijn nergens “te fatsoenlijk” voor. “Quantum Faith” is derhalve reeds uitgevonden.

    Op http://www.youtube.com/watch?v=Ntyz7DtqU8Q kun je zien hoe dominee Charles Capps zijn dochter Annette interviewt over dit onderwerp. Annette heeft in 2006 een soort pamfletje van 32 pagina’s geschreven onder de titel “Quantum Faith.” Gods wegen zijn soms even paradoxaal als ondoorgrondelijk en daarom kun je dit pamfletje bij amazon.com tweedehands kopen voor 50 dollar, maar nieuw voor slechts 2 en een halve dollar.

    Volgens Annette en haar vader kan bijbelse wonderdoenerij begrepen worden aan de hand van de kwantummechanica. Ook is kwantummechanica volgens het duo heel gemakkelijk begrijpen voor iemand die zijn bijbel goed kent.

    Een jaar nadat het pamflet van Annette Capps uitkwam publiceerde de kosmoloog Frank Tipler “The Physics of Christianity.” Dat is een pil van meer dan 300 pagina’s. Je kunt daar onder andere te weten komen dat Jezus op water liep door een bundel neutrino’s uit z’n voeten omlaag te schieten. Martin Gardner schreef destijds een goede review van dit boek (http://www.csicop.org/si/show/the_strange_case_of_frank_jennings_tipler).

    Martin Bier

  11. Mee eens ; mijn vraag was alleen een reactie op het laatste deel van de inleiding (over beterweters etc.). Ik had niet dergelijke uitgebreide en diepgaande reacties verwacht. De vraag was eigenlijk in eerste instantie als retorische vraag bedoeld. Hoe dan ook waardeer ik de reacties bijzonder.

  12. In de boekbespreking wordt in het begin het magnetiseren genoemd. Een v.d. kern-activiteiten van met name bekende paragnosten uit de 20e eeuw.
    Natuurwetenschappelijk niet aantoonbaar, dus helaas weinig ter zake voor de wetenschap.
    Ik heb 25 jaar geleden vanwege vermoeidheidsklachten op advies eens een reeks van zulke sessies ondergaan. Ik kreeg niet de indruk dat dáárdoor mijn vermoeidheid verbeterde. wel door de praktische adviezen van deze therapeute: ze duidde, dat mijn vermoeidheid zijn oorsprong vond in het te veel/lang piekeren en adviseerde om wat luchtiger te denken en actiever ontspannende activiteiten te ondernemen. Ze was lid van de NFPN, die ook een boekwerkje produceerde over kwalen en bereikte gunstige effecten.
    Ik vond wel niet direct baat bij de behandeling, maar merkte wel iets geks: in de 1 á 2 dagen na iedere sessie was het alsof er watten in mijn hoofd waren gestopt, wat mij het diep na-denken enigszins belemmerde. Dus toch er iets “ingestopt” ? Of alleen door de spier-ontspannende werking van het zitten, staan en liggen onder de behandeling ?
    Het “mesmeriaans fluïdum” wordt in para-normale kring geduid als fijnstoffelijk (en blijft daarmee dus in wetenschappelijke kring een irrelevante term).

    Over bolbliksem: zouden dit niet wervelende plasma’s van hete lucht kunnen zijn die zich afsplitsen van de bliksemstraal (eventueel nog gevoed daardoor)?

    TVDS

  13. Het probleem met bolbliksemverklaringen op basis van hete lucht is dat een bel hete lucht onherroepelijk zal stijgen. Een bliksemstraal duurt zo kort, die kan niet voor bijvoeding zorgen. De ooggetuigenverslagen hebben het doorgaans over bollen die langzaam en min of meer horizontaal zweven.

  14. Nog kort:

    Ik had enige jaren terug een collega (SK-docent), die voordien werkte op een laboratorium met heel sterke magnetische velden.
    Hij ontwikkelde een geheimzinnige kaalheid, die als symmetrische lob-achtige patronen links/rechts te zien waren. Hij kwam daar niet uit, maar hield zich verder buiten bereik van de magneten. Ik wees hem op die symmetrie, waarop hij bedacht dat ook zijn bril wellicht (door inductie/magnetisatie)als versterker van het externe veld fungeerde….u hier iets van bekend?

    TVDS

  15. Martin Bier,

    Fantatsisch! Maar ‘Capps Ministries’ (van gepensioneerde boer Charles Capps) en Frank Tipler kun je wel religie noemen, maar niet gevestigde religie. Ik heb The Physics of Immortality gelezen van Frank Tipler, maar ik vind het moeilijk om me voor te stellen dat de auteur het zelf serieus neemt.

    Voor degenen die zich niet door dat hele boek willen werken het volgende. Je kunt je voorstellen dat er ergens een bibliotheek is waar alle boeken staan, alfabetisch gerangschikt naar lengte en inhoud. Je kunt ook alle boeken aanvullen tot 100.000 pagina’s met blanco’s, dan hebben ze een vaste lengte. Eerst natuurlijk het lege boek (getiteld: Waar mannen aan denken als ze niet aan seks denken zie
    http://www.aolnews.com/2011/03/14/blank-book-on-what-men-think-about-besides-sex-outsells-harry-po/ ), dan alle 1-letterboeken, dan alle 2-letterboeken (26×26 stuks) enzovoorts. Die bibliotheek is geloof ik ook beschreven in een verhaal van Borges. Het probleem met die bibliotheek is dat om er iets in te vinden, je het boek al moet kennen. Het boek dat bestaat uit deze reactie staat bij de letter M. Vervolgens zoek je waar Ma… staat, dan Mar… enzovoorts. Je moet zelfs weten wat de tikfout in het derde woord is, anders kun je het niet vinden.

    Wat Tipler nu voorstelt is het bestaan van een computer die alle mogelijke universums simuleert. Daarin komen onder andere alle mensen die bestaan hebben weer tot (gesimuleerd) leven in elke mogelijke combinatie en versie. Die computer bestaat nog niet, maar als het universum in de eindkrak ineenstort, zou in de allerallerlaatste nanoseconde voldoende energie beschikbaar zijn om zo’n computer te bouwen en zijn hele programma te laten doorlopen. Dat noemt hij dan verrijzenis. Alleen is het religieuze idee van verrijzenis dat er een continuïteit, een oorzakelijke verbinding, is tussen de verrezene en de het oorspronkelijk leven. Die is er niet als het om zo’n Borges-bibliotheek gaat.

    Omdat het leven altijd een weg vindt om door te gaan (een Tipler-axioma) zal dat ook gebeuren, zegt Tipler. Misschien zitten wijzelf wel in zo’n programma! Een variatie op het idee van The Matrix.

    Frank Tipler is van Tulane University, en ik schaam me bijna dat ik daar een jaar heb doorgebracht (weliswaar bij de wiskundefaculteit en niet bij natuurkunde en in de tijd dat Tipler nog een undergraduate in MIT was). Een gevestigde religie kun je hem echter niet noemen.

  16. Kwantummechanica gemakkelijk te begrijpen als je je bijbel maar kent…
    Dat had de Rijksuniversiteit Groningen me destijds moeten vertellen, dan had ik me veel moeite kunnen besparen. Maar misschien waren de inzichten eind jaren 60 nog niet zover gevorderd?
    Toch wel een geweldig inzicht van die Capps-jes dat zo’n oud boek zoveel wetenschap bevat, wetenschap die pas vele eeuwen later werd herontdekt.
    Doet me denken aan de uitroep van de moeder van Woutertje Pieterse: Het staat in een boek…

  17. Toon v.d. Sandt

    Over het thema bio-electriciteit/magnetisme:

    Elektro-magnetisch is een organisme van de buitenwereld af te schermen door hem in in kooi van faraday te plaatsen.In het populaire TV-programma Mythbusters werd getest, of een plant respons (toename/afname geleidingsvermogen) vertoonde op sterke gedachten van de experimentator (nl. om de plant te vernielen).
    Die respons bleek geregistreerd/registreerbaar! Juist/zelfs als de plant in een metalen tank werd geplaatst.
    De Mythbusters konden enkel nog uitroepen: “It’s Crazy !”

    TVDS

  18. Bijgeloof is een woord dat is ontstaan in een tijd waarin geloof de norm was. Bijgeloof is dan de verzamelnaam voor alle geloof dat buiten de eigen religie valt. Mettertijd is de bekendheid met en het begrip voor andere religies toegenomen en is de betekenis van “bijgeloof” complexer geworden. En voor de atheïst is bijgeloof in het algemeen moeilijker te onderscheiden van geloof; net zo moeilijk als het voor een gelovige is om te bepalen wat gelovigen van andere religies als bijgeloof zouden bestempelen. Als atheïst probeer ik me te verplaatsen in mijn gesprekspartners en de definitie te hanteren die past bij hun overtuigingen.

    Termen als “surrogaatreligie” lijken me in de context hierboven dan ook niet bijzonder hulpvaardig. Daarin verborgen zit nl. de aanname dat religie een soort basisbehoefte van de mens vervult – een standpunt waarover het laatste woord nog niet gesproken is.

    Interessanter is het simpelweg onderzoeken van de relatie tussen (magnetische) fenomenen en hun veronderstelde oorzaken. Als iemand zich ziek voelt en zegt dat dat wordt veroorzaakt door zijn computer, dan kun je dat onderzoeken. Als iemand zegt gelukkiger te worden van magneten onder zijn hoofdkussen, dan kun je dat onderzoeken. Als iemand zegt water te kunnen magnetiseren waardoor het bijzondere eigenschappen krijgt, dan kun je dat onderzoeken.

    Dat iemand van dergelijke verbanden de zekerheid veronderstelt zonder afdoende bewijs kun je van allerhande labels voorzien, maar daar is niemand bijzonder bij gebaat. De discussie komt uiteindelijk altijd neer op wat iemand verstaat onder “afdoende bewijs”. Voor sommigen is dat de wetenschappelijke methode, voor anderen is persoonlijke ervaring (zintuiglijk of anderzins) genoeg. Het is de essentie van de discussie en een belangrijk deel van de bestaansreden voor organisaties als Skepsis.

  19. @TVDS

    Hahaha!
    Mythbusters is geen wetenschappelijk programma maar entertainment. Vermakelijk maar regelmatig hebben ze wetenschappelijk gezien geen idee!
    Ik heb de betreffende aflevering niet gezien, maar zou niet alles geloven wat er op televisie gezegd wordt…
    Nogmaals, hahaha!

  20. @Peter Barlage

    Ze geloofden het zelf ook niet…………..en natuurlijk moet je zoiets op repliceerbaarheid testen.
    Maar het triomfantelijke “Myth Busted” hebben ze er niet bij kunnen zetten.

    TVDS

  21. Toon v.d.Sandt

    Ook gelezen in een astrologie-orgaan “Symbolon”: een recensie van een boek “het electrisch heelal” (schrijver heb ik niet onthouden). In het boek brengt de schrijver (ook verguisde) theorieën over de rol van electromagnetisme in het heelal en het zonnestelsel naar voren. Bespreekt ook electrische werkingen op cellulair niveau (membranen). De recensent (hr. Hamaker) beschouwt dit als een wegwijzer naar een synthethischer begrip van het heelal en een vingerwijzing voor astrologische samenhang.

    Zo blijft ieder aan (zijn opvatting van) de weg timmeren.

    TVDS

  22. Dergelijke experimenten gaan m.i. uit van zo onwaarschijnlijke premissen, dat het uitvoeren ervan (vooralsnog) gerust achterwege kan blijven. Als je dit serieus zou willen onderzoeken zou je om te beginnen moeten vaststellen of de mens door middel van gedachten zodanige “signalen” kan “uitzenden” dat die op afstand meetbaar zijn. Vervolgens of die signalen onderscheiden kunnen worden in “negatieve” invloeden en “positieve” (een andere omschrijving vind ik ook prima) . Warmteafgifte van de mens is van flinke afstand meetbaar, maar het overbrengen van “signalen” daarmee lijkt me onmogelijk. In plaats van planten proberen te beinvloeden, zou je dat ook met mensen kunnen proberen. Dat heet bij mijn weten telekinese en naar mijn idee is dit verschijnsel nog nooit serieus aangetoond.

  23. Ik heb geprobeerd die Mythbusters uitzending te vinden, maar het enige dat ik kan vinden was de uitzending van 16 november 2004. Die ging echter over planten die gevoelig zouden zijn voor geluid of lieve woorden. Bij deze proef bleek: hoe meer herrie, hoe beter de planten groeiden.

    Zie:
    http://mythbustersresults.com/episode23

    http://www.youtube.com/watch?v=CMiVNPXR5qw

    http://www.youtube.com/watch?v=FhsbM9LxPAk&feature=related

    Verder zie 6 september 2006,

    http://mythbustersresults.com/episode61

    Polygraph tests indicate that all living things share some form of interconnected consciousness.

    Busted

    Tests were done by connecting plants to a polygraph’s galvanometer, and then employing actual and imagined harm upon the plants or upon others in the plant’s vicinity. The galvanometer showed some spurious readings (showing some kind of reaction about 1/3rd of the time), so a much more accurate EEG machine was used. When Grant and Tory used a machine that dropped eggs randomly into boiling water, the plant had no reaction. Additionally, Tory’s leukocytes had no reaction when Kari shocked him with a stungun.

    Dus: graag meer informnatie over de beweerde Mythbusters uitzending.

  24. @ JWN
    Dat planten goed zouden reageren op lieve woordjes, lijkt me niet gek. Zeker als je ze “live” toefluistert en zo de concentratie koolstofdioxide in de omgeving van de plant verhoogt.
    Dit zijn het soort proefjes waardoor stikstof aan zijn naam gekomen is…
    En de gammawetenschappen kunnen er ook wat van!

  25. @Barlage

    Als je de Mythbusters-uitzending bekijkt zul je zien dat het geluid allemaal uit apparaten kwam, juist om te zorgen dat de CO2 geen effect zou hebben.

  26. @Jan Willem Nienhuys

    Ik heb het programma pas ca. een of twee jaar geleden gezien. Ik herinner, dat de reactie op een x-t-schrijver werd vastgelegd (om tijdcorrelatie met de “bedreiging” vast te stellen).Eerst werd er in de nabijheid van de plant gedreigd. In volgende stappen werd de plant steeds verder weggezet, en alleen in gedachten gedreigd. Uiteindelijk werd de plant in een tank gezet, en alleen door een ruitje zichtbaar.

    Zwak punt is bijv. hoe lees je nu met zekerheid af, of de fluctuatie in de x-t-lijn echt een significante correlatie inhoudt?

    En natuurlijk, dit soort experimenten (tot de Bierman presentiment experimenten toe) blijft aan discussie onderhevig, vanwege de natuurlijke wetenschappelijke implausibiliteit en veelal optredende “krimp”-effecten, als ze regelmatig worden getest op repliceerbaarheid. Maar ondertussen kwamen de Busted-jongens er deze keer niet uit.

    TVDS

  27. Je kunt de titels van de uitzendingen bekijken op http://en.wikipedia.org/wiki/List_of_MythBusters_episodes en op http://mythbustersresults.com staat een lijst met uitvoerige beschrijvingen. Die laatste heb ik doorgezocht; je kunt ook op woorden in de tekst zoeken. De omschrijving hierboven lijkt het meest op die van episode 61, waar met een polygraaf (=leugendetectors) en een EEG werd gewerkt. Zie ook de omschrijving in http://en.wikipedia.org/wiki/MythBusters_%282006_season%29 . Maar daarvan was de eindconclusie ‘busted’.

  28. Ook ik kan het niet vinden. Verwarring met Brainiac is mogelijk, maar ik geloof van niet. Ik herinner me nl. te goed de mimiek van één der Busters, als hij zijn handen kromt, alsof hij de plant wil stuk-knijpen. Ook het beeld van de plant in de tank (alleen door ruitje nog te zien). En na bekijken van de tijd-registratie opgetogen Aziaat: “it’s crazy”. En de x-t-schrijver, waarvan ik dacht: kun je daar nu een respons met zekerheid lezen?
    Zonder registratie bij Myth-busters blijft dit echter slechts mijn praatje.

    TVDS

  29. Ik heb de tekst nr. 61 beter bekeken. Die is het toch. Ik zie ook dat er méér tests (anders-soortige, omdat de stelling gaat over plant-reacties op emoties in het algemeen) zijn gedaan en dat op grond van het totaal der experimenten wel degelijk BUSTED is afgegeven.

    TVDS

  30. @Jan Willem Nienhuys

    (electrisch universum) Ik heb ook eens naar het goede boek gezocht. Het blijkt te zijn: het elektrisch heelal van Donald E. Scott (die is “aanbeveler” op de titel
    van het door u gevonden boek). Hans Hamaker is de vertaler van het boek, ziedaar zijn nauwe betrokkenheid.

    Ik heb hem aan de hand gedaan, om astrologische werking
    in verband te brengen met fijnstoffelijke samenhang.
    Echter met dat begrip, gaf hij aan, had hij moeite. Het gedachtengoed v.d. theosophische school boezemde hem geen vertrouwen in. Voor skeptici ’n uiterst lofwaardig
    standpunt. Ik verwacht echter niet, dat we uit fysische processen hoop voor een transparante astrologie kunnen putten. Dan zou men zich toch slechts tot een constaterend synchroniciteitsprincipe moeten beperken, voor zover men zich met astrologie zou willen inlaten.

    TVDS

  31. @hans

    Telekinese (Psychokinese) is het enige (laatste?) paranormale fenomeen dat zich nog enigszins in de wetenschappelijke storm staande kan houden. In de reeksen experimenten over de jaren blijkt een klein gemeten effect (in de vorm van een lage p-waarde) stand te houden. Het gaat veelal om kleine afwijkingen in dataproductie door toevalsgetalgeneratoren, die beínvloed zouden worden door proefpersonen. Maar ook hier ontbreekt een fysisch model voor interactie op afstand. Dus mogen betrokken experimentatoren zich niet bepaald verheugen in positieve belangstelling van de exacte wetenschap.

    De parapsycholoog John Beloff heeft het zelfs aangedurfd een PK-model op te stellen, voor de samenwerking tussen “geest” en “lichaam”. Onder wederzijdse PK zouden deze zich als twee-eenheid presenteren.

    TVDS

  32. @ Toon v.d. Sandt

    Je kunt een zogenaamd paranormale zaak als telekinese m.i. ook benaderen vanuit de idee dat wanneer t.g.v. evolutie dit fenomeen is ontstaan – want waarom zou dat niet het geval zijn? – het wel een heel pover resultaat heeft opgeleverd, nl. misschien minimaal of – zeer veel waarschijnlijker – nul. Ik houd het “verschijnsel” maar op ordinaire flauwekul, goocheltrucjes.

  33. Als de geest zich buiten het lichaam ophoudt in een soort hogere dimensie, dan is telekinese zelfs heel makkelijk: als die geest met grote precisie miljarden hersencellen kan prikkelen tot het doorgeven (of stoppen) van signalen dan openen zich ongekende perspectieven. Het is dan wel merkwaardig dat als twee mensen hun hoofd dicht bij elkaar houden, de geest van ene niets kan uitrichten in het hoofd van de andere.

    Voor telekinese geldt hetzelfde als voor telepathie (in mijn recensie genoemd): als het zelfs maar een klein beetje ‘van nature’ mogelijk was dan zou het heel erg nuttig zijn.

    In zekere zin bestaat telekinese toch: zelfs de geringste veranderingen van positie veroorzaakt veranderingen van gravitaionele en elektromagetische velden die zich met lichtsnelheid over hetr universum verbreiden.

    De thermische beweging van heel veel deeltjes samen is zodanig dat elke afwijking, hoe klein dan ook, binnen de kortste keren tot een volkomen ander patroon van verdelingen van kinetische energie voert.

    In principe zou je dus de thermische fluctuaties elders kunnen beïnvloeden, en je zou zelfs kunnen veroorzaken dat ergens een zenuw een signaal produceert.

    Helaas. Dat ‘in principe’ is alleen mogelijk als je (1) alle andere invloeden die ter plaatse werken ook kunt verrekenen, dus de gezamenlijke effecten van alle bewegingen van alle 10⁹⁰ deeltjes in het universum, inclusief die van de kosmische microgolfstraling die ons nu pas bereiken. Verder (2) zul je hierbij de kwantummechanica moeten gebruiken. Je hebt dus een computer nodig die het gehele universum met alle deeltjes erin exact kan simuleren en dan nog sneller dan de deeltjes zelf bewegen. Als je in aanmerking neemt dat het al gigantische veel rekenwerk vergt om het zogeheten anomale magnetisch moment van het elektron in 20 of daaromtrent decimalen uit te rekenen, dan kun je dat wel vergeten. Bovendien zitten (3) onze zenuwen en zintuigen zo in elkaar dat ze normaal gesproken bestand zijn tegen thermische storingen. Hier en daar een toevallige uitschieter of een zenuw die per ongeluk spontaan een signaal afgeeft, dat maakt helemaal niets uit.

    Bij nader inzien kun je niet op een gerichte manier de thermische beweging op afstand beïnvloeden. Als je telekinese wilt plegen, zul je de voor die beweging benodigde energie naar de gewenste plaats moeten dirigeren. Gravitatie en de kernkrachten zijn daarvoor ongeschikt. De ene is te zwak, en de andere twee werken alleen op korte afstand. Blijft over de elektromagnetische energie. Helaas zijn fysici uitstekend geoutilleerd om getransporteerde EM energie te detecteren. Blijft over een vorm van interactie met de materie die enerzijds gewoon door zenuwen kan worden opgewekt (door wat anders?) en anderzijds bij naspeuringen van fysici nog nooit is opgemerkt.

    Precies datzelfde is ook over homeopathie op te merken. Als er onontdekte materiële interacties zouden bestaan, zouden die bij proeven met elementaire deeltjes tevoorschijn komen als ‘missende termen’ bij de verklaring van de waarnemingen.

    De tegenwerpingen van de psychokinetici en de homeopaten zijn dan dat je de uitkomsten van wat er in spreekkamers van genezers en bij ingewikkelde kansexperimenten gebeurt veel serieuzer moet nemen dan twee eeuwen natuurkunde en dat het sowieso allemaal spiritueel is en zich dus onttrekt aan de wetten van de rekenkunde (behalve die van de statistiek dan als die toevallig ‘goed uitkomt’).

  34. @ J.W. Nienhuys

    Het zou inderdaad nuttig kunnen zijn. Maar ik vermoed dat er dan ook – als het er zou zijn – fors misbruik van het fenomeen zou kunnen worden gemaakt. Ieder voordeel hep se nadeel.
    Dank voor de heldere uiteenzetting! Ook hier geldt weer dat iets wat te mooi is om waar te zijn, dan ook niet waar is… Gelukkig voelen erg veel mensen dat op hun klompen aan. De rest is nu eenmaal moeilijk met keiharde argumenten te overtuigen. Spiritueel is een fopspeenwoord.

  35. De telekinese zoals ik die begrijp, heeft zich niet in/met de evolutie ontwikkeld. De evolutie ontwikkelt zich min of meer volgens haar eigen weg. Er is geen sprake van een geest, die lichamen bedient. De lichamelijkheid kent een zekere mate van autonomie en de geest is tijdelijk min of meer onderworpen aan de lichamelijkheid. Bijv. je kunt heel goed op de autmatische piloot leven, waarbij evolutie en neuronen je gedrag bepalen. Dit is juist specifiek voor lichamelijk bestaan.
    Hierdoor kan de wetenschap inderdaad de inbreng van iets als geest als irrelevant afdoen. En dat doet zij dan ook. Als je op haar beurt wetenschap vraagt naar aard en oorsprong van het bewustzijn, verwijst ze naar de complexiteit van het neuraal verkeer.
    Het wil er maar niet in bij wetenschap, dat zij in het verleden keuzes heeft gemaakt en dat dat tot beperkingen van haar slagkracht leidt. Een cruciale keuze is de zintuiglijke werkelijkheid als norm te stellen. Daarmee komen alle andere kanalen te vervallen, ook al bevatten die complementaire informaties.
    Uw beider terugvallen in de discussie op exact-wetenschappelijke argumenten is op haar beurt niet relevant in een discussie in breder verband. U herhaalt in feite het skeptisch standpunt.
    Probleem is,dat iedere intellectuele stellingname berust op gekozen premissen.
    Naar mijn oordeel is het echter heel goed mogelijk om wetenschap als vak te bedrijven en daarnaast ook op ander niveau te onderzoeken. Zo’n onderzoek levrt een completer beeld van het verschijnsel existentie.
    Er ontstaat pas een incompatibiliteit, als men deze terreinen door elkaar heen gaat gooien. Dat gebeurt veelvuldig en wekt onbegrip aan beide kanten. Wetenschap is een hoog cultuur-goed, maar zodra ze wordt aangewend om andere, oorspronkelijke ervaring/kennis als nietig te verklaren, is ze misbruikte wetenschap. Op hun beurt gaan paragnosten, healers etc. etc.,die authentieke m.i. waardevolle
    waarnemingen doen op de loop met “wetenschappelijke” verklaringen, waardoor ze hun eigen zaak geen goed doen. ook zij willen niet altijd inzien, dat hun gebied en specialisatie zijn beperkingen heeft.

    TVDS

    redactie: deze bijdrage werd volautomatisch in onze doorgaans lege spambox gestopt, vandaar dat zij wat later verschijnt.

  36. Mijne heren,

    Ik heb net een hele brief kwijt geraakt, na op invoeren te hebben gedrukt. daar heb ik wat de pest over in.
    Ik ben ook helemaal niet zo blij met computers.
    Kort samengevat: er ontstaat pas frictie als exacte en para-inzichten door elkaar heen worden gehanteerd. In feite is de kennis complementair. Zowel wetenschappers als paragnosten, healers lanceren begrippen van het eigen terrein richting de ander.
    Wetenschap heeft zich bewust beperkt tot het zintuiglijke en moet de gevolgen nemen: para-inzichten liggen buiten hun gezichtsveld. Omgekeerd : paragnosten, healers pretenderen wetenschappelijke relevantie en dat blijkt niet zo te zijn.
    Psychokinese is niet een product van de evolutie, juist is door de lichamelijkheid de “geest” gebonden aan/in fysieke wetten. Anderzijds het willen verklaren van de werking van de geest uit wetenschappelijke kennis (met name bewustzijn) is gedoemd op niets uit te lopen.

    TVDS

  37. para-inzichten liggen buiten hun [van de wetenschappers] gezichtsveld. … Psychokinese is niet een product van de evolutie

    Wat dat laatste betreft is er weinig verschil met de opvatting dat psychokinese geen product van evolutie kan zijn. Maar er is wel verschil, namelijk in het hierboven geciteerde wordt voetstoots aangemomen dat psychokinese – wat dat dan ook is – bestaat. Maar psychokinese houdt in dat er iets zichtbaar of stoffelijks beweegt onder invloed van gedachten (en dan bedoelt men niet de registratie van een EEG of een vinger die wordt aangestuurd door de hersenen). Het is onzin om te zeggen dat zoiets buiten het gezichtsveld van de wetenschappers valt. Als iets beweegt, en zeker als het om een reproduceerbaar effect gaat, dan valt het binnen eenieders gezichtveld, en dus ook binnen dat van de wetenschap.

    Dat ‘reproduceerbaar’ is wel belangrijk. Ik reken daar voor het gemak ook dingen bij die voldoende vaak optreden (aardbevingen, supernova’s) om er systematisch studie naar te doen, ook al zijn ze niet kunstmatig op te wekken. Als ik bij ‘windstil’ weer een blaadje aan een boom zie bewegen, dan kan ik natuurlijk denken dat mijn gedachtekracht dat doet. Iedereen kan zelf wel bedenken waarom dat ongeloowaardig is. Maar er zijn mensen die denken dat ze een wolk kunnen wegdenken door ernaar te staren. Het is nog lastig om dat te weerleggen, want als een wolk verdwijnt zonder dat de wolkenstaarder ernaar kijkt, kan die tegenwerpen dat zijn uitdager ernaar kijkt, en dat dat natuurlijk hetzelfde effect heeft.

    Allerlei proeven met telekinese berusten op het idee dat je kansprocessen beïnvloedt. De processen (zoals het vallen van dobbelstenen of thermische ruis) zijn van een aard dat ze in beginsel door heel kleine effecten beïnvloed kunnen worden. Helaas is het juist vanwege dat beginsel volstrekt onmogelijk om die invloeden zo te besturen dat ze een voorspelbaar effect hebben. Als de interactie door gedachtekracht bij wijze van spreken ergens ver achter de komma anders wordt, zal de uitkomst (namelijk of er een zes boven komt bij de dobbelsteen) ook anders zijn. Ik snap dan ook eigenlijk niet dat men dergelijke statistisch telekineseproeven doet. (Nou ja, ik snap het wel: daar kan zoveel mee misgaan, dat er makkelijker zogenaamd wat uitkomt.) Waarom niet proberen om één enkel licht deeltje een klein duwtje te geven? Men zou bijvoorbeeld een kwantummechanische spletenproef kunnen doen, en kunnen kijken of men met gedachtenkracht het interferentiepatroon zou kunnen wijzigen. Dat is gedaan, en daar kwam niets uit.

    Of, zoals Minnaert bij zijn afscheidscollege zei (althans zo herinner ik me dat): laten ze maar een geïsoleerd opgestelde gevoelige weegschaal maar een heel piezeltje laten bewegen, dan praten we wel weer verder. De mogelijkheden om ontzettend zwakke krachten en effecten nauwkeurig te meten zijn in de afgelopen vijfenveertig jaar sterk toegenomen.

    PS. ik heb al Van der Sandts proefjes met eenregelige tests gewist.

  38. Wetenschappelijk gezien is inderdaad geen reden om telekinese voor reëel te houden, omdat er geen fysische grond voor is, en omdat experimenten niets of miniem resultaat opleveren.
    Aan de andere kant nemen mensen wel degelijk zulke verschijnselen waar, soms zelfs heel hevig( bij Poltergeist-verschijnselen. Die zijn ook als fenomeen opgetekend en gearchiveerd. Wanneer dit echter wetenschappelijk wordt uitgeplozen, verdampt de “waarneming” tot onbewijsbare anekdotische gebeurtenis. D.w.z. als je e.e.a. test op reproduceerbaarheid of fysische plausibiliteit blijkt het verschijnsel als wetenschappelijk fenomeen niet stand te houden. Daarmee valt het verschijnsel buiten het wetenschappelijk instrumentarium en dus gezichtsveld.
    Er zijn verschijnselen denkbaar, die BINNEN het wetenschappelijke denken “nietig” MOETEN worden verklaard, omdat ze geen materieel-reproduceerbaar karakter hebben.
    Over de oorsprong van deze verschijnselen stelt de wetenschap dat ze ontspringen aan wens, slordige waarneming, deceptie, psychose etc.
    Voorbij het wetenschappelijk denken zijn er echter andere verklaringen voorhanden bijv. de spiritistische, para-normale (vandaar het woord!)etc. Kortom aard en verklaring behoren tot een ander (studie-) gebied.

    Wat ik eigenlijk het meest betreur, is niet, dat exacte wetenschappers deze verschijnselen als “pseudo” afdoen, want dat is hun vakmatig recht (en plicht), maar dat de mensen, die zich hiermee specialiseren (para-psychologen en soms zelfs paragnosten) blijven doordrammen met zelf-gefabriekte “wetenschappelijke” verklaringen i.p.v. met een eigen uitleg en hypothese
    te komen (bijv. een complementair model met meervoudige bewustzijns-niveaus van ervaring met elk zijn eigen wetmatigheden).

    TVDS

    redactie: deze bijdrage werd volautomatisch in onze doorgaans lege spambox gestopt, vandaar dat zij wat later verschijnt.

  39. Ik kan “paranormale inzichten” niet serieus nemen naast “normale inzichten” . Er is nl. geen enkele echt serieus te nemen aanwijzing voor de eerste groep. Als paranormaal bestempelde verschijnselen zijn naar mijn idee gewoon nog niet voldoende onderzocht. Het valt ook niet in te zien waarom er naast de normale nog een paranormale wereld zou zijn. Vanuit de normale wereld gezien zou je de verschijnselen van de paranormale wereld als wonderen kunnen bestempelen, want niet in overeenstemming te brengen met de normale waarnemingen en metingen en niet aangestuurd door fysieke oorzaken. Bij nadere beschouwing blijft er van wonderen niets over; als er al iets lijkt te zijn, is er steevast onvoldoende of slecht onderzoek verricht.

  40. cruciale keuze is de zintuiglijke werkelijkheid als norm

    Het wordt hier voorgesteld alsof er iets te kiezen valt. Maar zelfs gedachten die schijnbaar spontaan in je opkomen horen bij de zintuiglijke werkelijkheid. Je kunt ze dan wel met een geleerd woord informatiekanalen noemen, maar door die woordkeuze probeer je je lezers om de tuin te leiden. We spreken namelijk doorgaans van een infomatiekanaal als het wat meer produceert dan ruis, als wat er aan de ene kant aan informatie ingaat, er aan de andere kant min of meer herkenbaar weer uiitkomt. Door dus het woord informatiekanaal te gebruiken probeer je impliciet de lezer ervan te ovbertuigen dat er inderdaad aan de ene kant iets ingaat, en dat dat er aan de andere kant ook uit te halen is. Welnu, doorgaans weten we helemaal niet iets over die input, dus het gaat erom of onze pogingen de output te analyseren iets oplevert waarvan je kunt zeggen: ‘Aha, er moet een zender geweest zijn.’ Maar dat kan dan alleen maar door te vergelijken met die vermaledijde zintuiglijke waarnemingen.

    Het is niet zo moeilijk om een toestel te maken dat thermische ruis omzet in cijfers 0-9. Gesteld dat dit apparaat opeens de decimalen van pi begon te spuien en wel zonder fouten. Dan zou je zonder dat je de oorzaak kent, toch wel gaan denken dat er wat aan de hand is. Maar dan moet je die ‘voorspellingen’ wel kunnen toetsen aan de een of andere werkelijkheid, in dit geval de eeuwige waarden van de wiskunde. Als er daarentegen zomaar cijfers uit het apparaat komen zonder dat de relatie met welke werkelijkheid dan ook gelegd kan worden, dan is dit toestel niet wat we doorgaans een informatiekanaal noemen. Helaas is dat een goed beeld van wat waarzeggers doen: behalve wat naardemondpraterij (cold reading) produceren die toevalsreeksen. Het bewijs dat het iets anders is dan onzin is niet geleverd, terwijl ondertussen heel duidelijk is hoe de illusie kan ontstaan dat er toch wat van klopt.

    iedere intellectuele stellingname berust op gekozen premissen

    Dat lijkt me een dooddoener. Door de combinatie van zo’n geleerd woord als premisse met ‘gekozen’ wordt alweer verholen propaganda gepleegd. Namelijk dat men vrijelijk die premissen kan kiezen, dat alle keuzen gelijk zijn, en dat als je de premissen eenmaal hebt de rest volgt. Dat laatste is in de logica zo, maar niet in werkelijkheid. Een concreet voorbeeld: je kunt de aristotelische wereldbeschouwing als premisse nemen, maar vroeger of later merk je dan dat die niet uitkomt. Het gezeur over substantie en accidenten leidt tot niets, en de gedachte dat dingen alleen maar blijven bewegen als je een kracht uitoefent deugt ook niet. Evenmin ontstaan muizen spontaan uit oude lappen. Als die vooronderstellingen die je maakt in conflict komen met de werkelijkheid, dan moeten ze vervallen. Als een ingewikkeld gevolg in conflict komt met de werkelijkheid, dan kan er onderweg iets verkeerd zijn gegaan, maar ergens moet er dan iets wijken.

    O help! het gaat niet over iets waar je wat aan hebt, maar om intellectuele stellingnames. Dat is alweer zo’n hoogdravende term. Ik blijf er bij dat men helemaal niet vrij is in het kiezen van vooronderstellingen, tenminste als men het op prijs stelt dat de gevolgen van de combinatie van die onderstellingen met de werkelijkheid niet in flagrante strijd komen met de werkelijkheid. Wil je veronderstellen dat waarnemingen maar bedrog zijn, maar dromen en spontane ingevingen absoluut betrouwbaar, ga ja gang. Maar dan mag je – als je consequent bent – de waarnemingen niet meer gebruiken om die betrouwbaarheid aan te tonen, want waarnemingen zijn toch bedrog? Of is het idee dat je toch enigszins consequent moet zijn ook maar een intellectuele stellingname die een gekozen premisse is? Me fiets!

    Ik hoop maar dat dit niet in de spambox komt, want eigenlijk hoort het daar thuis.

  41. Nee, het kwam niet in de spambox! Het was dan ook geen spam. Ik had het niet beter kunnen verwoorden.

  42. Beste mr. Nienhuys,

    We kunnen lang steggelen over wel of niet eigenlijk woordgebruik en mogelijke achterliggende suggesties.
    Ik verval meestal in hoogdravende taal,omdat ik dan in minder zinnen een verhaal hoef uiteen te zetten.

    Wij zijn het in zoverre met elkaar eens, dat het alleen maar gaat om de vraag: Wat kunnen we als mensen verwachten in onze wereld en levensloop? Hoe de een dat inschat of verwoordt en hoe de ander er tegenaan kijkt, zal daar weinig aan veranderen.

    Voor mij is er de keuze-vrijheid: kan ik paranormale etc. observaties meenemen in mijn overdenkingen, of laat ik ze hangen en beperk me tot de wetenschappelijke visie?
    En met premisse bedoel ik heel eenvoud wat je aanneemt als startpunt: een Godsbestaan, para-normale “boven zinnelijke” wereld, of juist een logische, controleerbare werkelijkheid, of tch het Woord van de Bijbel. Een theoloog kan ons ook heel mooi voor-beredeneren hoe het zit met de wereld.Denk maar eens an die behendinge creationisten-predikers op TV!

    Dat wou ik zeggen. TVDS

  43. Even praktisch, is er geen betere foto beschikbaar van Roland Glaser dan deze waar hij toevallig een dagje uit was in de Efteling met vrouw en kleinkinderen ?

  44. @Toon v.d. Sandt
    Deze discussie gaat over genezende magneten en stralende mobieltjes etc.
    Dus over zaken die meetbaar en zintuiglijk waarneembaar zijn.
    Daarbij hebben we weinig aan paranormale zaken en het woord van de bijbel (met opzet geen hoofdletters) en handig orerende theologen. Alsof die laatsten extra deskundig zouden zijn over zaken die niet bestaan…

  45. Is mij duidelijk, maar men dwaalt wel eens een zijspoor op in reactie op uitlatingen van de ander.U hoort mij er ook niet over door-discussiëren. TVDS

  46. “Dit elektromagnetische ruisen bij de Schumann-resonanties heeft geen enkel effect op of verband met de menselijke gezondheid”.

    Jan Willem; waar baseer jij deze stelligheid op?

    Er is een onderzoek beschreven in het boek: “Afstemmen op de kosmos” van Susan Joy Renisson. Een aantal personen is een tijd lang helemaal afgeschermd van het aardmagnetisch veld in een speciaal geconstrueerde omgeving. Er ontstonden klachten die weer verdwenen na korte blootstelling aan het aardmagnetisch veld.

  47. In het besproken boek gaat p.229-233 daarover. Een indruk om welke zaken het gaat:
    1. de elektrische component van deze atmosferische trillingen wordt binnenshuis behoorlijk afgeschermd.
    2. De sterkte van het magneetveld van deze atmosferische trillingen is ongeveer een miljoenste van van het aardmagnetisch veld.

    Het zou wel helpen als zou worden aangegeven in welk wetenchappelijk tijdschrift dat onderzoek beschreven is, wie de auteur was enzovoorts.

    Bij een dergelijk onderzoek moet je zorgen dat je een controlegroep hebt (desnoods dezelfde personen, maar dan met de afscherming buiten werking) en dat de proef geblindeerd is.
    De afscherming kan gebeuren door een ‘tegenveld’ te creëren met stroom door draden. Die kun je makkelijk uitzetten.

    In bovenstaand onderzoeksverslag staat daar niets over.
    Zelfs als deze proef klopte (wat ik niet geloof), dan nog zou het niets zeggen over de atmosferische trillingen van het magneetveld die een miljoen maal zo zwak zijn, en al helemaal niets over de frequentiebereiken waar die ruis iets sterker is.

    In het besproken boek is het hele hoofdstuk 6 gewijd aan de invloed van het aardmagnetisch veld op mensen. Er is geen onderzoek aan auteur Glaser bekend waaruit zulk een drastisch effect blijkt van het uit- of aanschakelen van het aardmagnetische veld.

  48. Jan Willem,
    Mooi dat je het hebt bekeken. Nog begrijp ik jouw stelligheid niet. Als iets niet bewezen is, betekent dit toch niet automatisch dat het niet waar is of kan zijn? Je kan hooguit zeggen dat we het niet weten. En voor de duidelijkheid, ik meen/geloof wel dat er verband is tussen de (aard)magnetische velden en alles wat leeft.

Reacties zijn gesloten.