Skip to main content

TU Delft gekidnapt door aliens!

Bestseller van Philip Corso
Volgens dr. Coen Vermeeren, het hoofd van Studium Generale Delft, is er alle reden om aan te nemen dat buitenaardse aliens onze planeet regelmatig bezoeken. Hij veronderstelt dat dit feit al jarenlang bij hoge militairen, wetenschappers en overheidsfunctionarissen bekend is. Maar het wordt opzettelijk verborgen gehouden voor de bevolking. In twee lezingen voor Studium Generale riep hij de studenten op om de cover-up bloot te leggen en een ‘eigen zoektocht’ te beginnen, ‘want daar is het leven voor en iets minder fascinerends is er niet’.

Op de vraag wanneer we hard bewijsmateriaal voor het bestaan van buitenaardse aliens mogen verwachten, antwoordde Vermeeren: ‘Ik denk dat we het al hebben. Het moet alleen geopenbaard worden.’ Hij hoopt dat deze disclosure niet lang meer op zich zal laten wachten. Onze wereld zal er wel bij varen, want ‘ze (de aliens) zijn hier om ons te helpen en ik geloof dat ook zeker’. Maar ze doen dit pas openlijk wanneer we hen daartoe uitnodigen, want ze willen onze vrije wil niet aantasten. Dit geloof in reddende aliens doet denken aan een religieus geloof in de komst van een Verlosser, al zijn er wat complottheorieën aan toegevoegd.

Vermeeren raakte in ufo’s geïnteresseerd nadat studenten hem hadden gevraagd hoe hij als docent lucht- en ruimtevaarttechniek over dit onderwerp dacht. Om er informatie over te verzamelen bezocht hij onthullende websites, zoals niburu.nl en ufowijzer.nl. Het bewijsmateriaal dat hij daar aantrof, overtuigde hem ervan dat er al veel over de aliens bekend is.

De directe aanleiding voor zijn zoektocht was het zogenoemde tether overload incident uit 1996. Vanuit een spaceshuttle werd een elektrodynamische kabel uitgerold waaraan een satelliet was bevestigd, maar helaas brak de kabel. Op filmbeelden van dit mislukte experiment vliegen er diverse schijfvormige objecten door het beeld. Talloze websites beweren dat dit vliegende schotels waren. In werkelijkheid waren het hoogst waarschijnlijk kleine ijs- of stofdeeltjes die zich dicht voor de lens bevonden (zoals in dit filmpje wordt uitgelegd). Het effect is vergelijkbaar met de lichtbollen die soms op flitsfoto’s zichtbaar zijn (zie orbs). De ware gelovigen hebben echter geen belangstelling voor zulke verklaringen.

Vermeeren heeft de indruk dat de officiële media ons niet willen informeren over buitenaardse bezoekers. Hij heeft meer vertrouwen in het Soeverein Onafhankelijk Persbureau Nederland van Anton Teuben (zie chemtrails) en nodigde Teuben ook al eens uit voor Studium Generale. Volgens Vermeeren wordt het hoog tijd voor een academisch debat. Hij stuurde een bedankje naar de complotdenkers van niburu.nl, omdat zij ervoor zorgden dat zijn eerste ufo-lezing in korte tijd 15.000 keer online werd bekeken. Daar mag de universiteit trots op zijn!

Ook op andere terreinen bestaat er volgens Vermeeren belangrijke kennis die door autoriteiten en deskundigen wordt genegeerd of onderdrukt. Daarom organiseerde hij al een dozijn lezingen over onderwerpen zoals de Mayakalender (2012), graancirkels, synchroniciteit, astrologie en alternatieve archeologie. Hij hoopt dat zulke lezingen de studenten zullen aanmoedigen om ‘uit de box’ te komen, om minder star en lineair te gaan denken. Wie creatieve, tegendraadse of occulte theorieën verkondigt, is van harte welkom aan de TU Delft, evenals de uitvinder van het perpetuum mobile.

Wetenschap, religie en spiritualiteit komen volgens Vermeeren momenteel samen. Zo is het duidelijk geworden dat de bekende formule E=mc2 niet compleet is, want daarin ontbreekt het bewustzijn. De correcte formule is: bewustzijn = energie = materie. Ben jij spiritueel al zover gegroeid dat je ziet dat alles bewustzijn is?, vraagt Vermeeren aan zijn gehoor. Wie dat nog niet inziet, raadt hij aan het boek What the bleep do we know?! te lezen. Het werd geschreven door aanhangers van Ramtha’s School of Enlightenment. Ramtha is een 35.000 jaar oude Atlantiër, die wordt ‘gechanneld’door een medium. Vermeeren bekende dat hij wel enig geloof hecht aan zulke gechannelde informatie.

Opzienbarende getuigenissen

Vermeeren hecht veel waarde aan de opzienbarende getuigenissen van enkele voormalige militairen. Dit zijn naar zijn oordeel ‘geen getuigen die je naast je neer kunt leggen’. Zo verwees hij meermaals naar sergeant Clifford Stone, die vertelde dat hij betrokken was bij de berging van twaalf neergestorte ufo’s. De sergeant zag ook de inzittende aliens, van wie enkelen nog leefden. Vermeeren noemde hem een key figure en wees erop dat Stone heeft bevestigd dat de aliens niet vijandig zijn.

Clifford Stone is al vele jaren actief in ufokringen en zijn verhalen zijn steeds sterker geworden. Alleen de meest extreme ufo-gelovigen nemen hem nog serieus. Stone heeft weliswaar ruim twintig jaar in het Amerikaanse leger gezeten (tot 1990), maar officieel deed hij daar slechts eenvoudig bureauwerk. Hij beweerde dat hij als kind al contact had met buitenaardse aliens en daarom was uitverkozen om mee te werken aan supergeheime militaire missies. Zijn collega’s en superieuren wisten daar niets vanaf. Alles werd geregeld door een kolonel die zijn naam niet wou prijsgeven. Stone werd naar eigen zeggen ingezet om op telepathische wijze contact te leggen met gevangen genomen aliens. Hij liet er zelfs eentje ontsnappen, omdat hij medelijden kreeg met de ET. In een videofragment dat Vermeeren aan de TUD vertoonde, vertelde Stone dat er 57 verschillende alienrassen bekend zijn.

Een andere ‘heel belangrijke’ getuige was de Amerikaanse luitenant-kolonel Philip Corso (1915-1998). In de bestseller The Day after Roswell (1997) beweerde Corso dat hij een paar kratten met buitenaardse technologie ontving toen hij in 1961 werd aangesteld als hoofd van de afdeling Foreign Technology van het Pentagon. De spullen kwamen uit een vliegende schotel die in 1947 in de buurt van Roswell was neergestort. Toevallig was Corso deze ufo al eens eerder op het spoor gekomen. De overblijfselen werden kort na de crash tijdelijk gestald op een militaire basis in Kansas, waar hij ’s avonds wachtliep. Corso keek stiekem in een van de kisten. Deze bevatte een glazen container met een dode alien. De ET was niet veel groter dan 120 cm, met dunne benen en een waterhoofd. Aan elke hand zaten vier vingers, maar geen duim.

De aliens beschikten onder meer over transistors, microchips, lasers, night vision en glasvezelkabels. De transistor werd eind 1947 op aarde uitgevonden. Daar ging een lange ontwikkeling aan vooraf, die ook uitgebreid is beschreven in de vakliteratuur. Maar volgens Corso was het laatste duwtje te danken aan wetenschappers die de buitenaardse technologie bestudeerden. Niet alles werd meteen nagemaakt. Met de nachtkijker had men nog niets gedaan toen Corso deze in 1961 ontving. Hij ging ermee naar een laboratorium van Fort Belvoir, waar ze op dat moment net bezig waren om zo’n kijker te ontwikkelen. De buitenaardse technologie paste naadloos in hun eigen ontwerp. Corso was te laat om ook mee te helpen aan de ontwikkeling van de eerste laser, want die was al in 1960 gebouwd. Maar dankzij het buitenaardse exemplaar waarover hij beschikte, kon dit model worden verbeterd.

Corso bevestigde allerlei sterke verhalen die in ufokringen de ronde deden, waaronder het bestaan van Majestic-12, een groep van twaalf personen die in opdracht van president Truman de Roswell-ufo onderzochten. MJ-12 werd in 1987 bekend toen twee ufologen een geheim document onthulden dat anoniem was bezorgd bij een bevriende tv-producer. Dit was echter naar alle waarschijnlijkheid een vervalsing. De handtekening van Truman was overduidelijk een kopie. Het origineel bevond zich in de Library of Congress.

De aliens hadden volgens Corso geen vriendschappelijke bedoelingen. Maar gelukkig kon men hun buitenaardse technologie tijdig kopiëren, zodat het leger hen met gepaste middelen op afstand kon houden. Dit was ook het heimelijk doel van het Star Wars project van president Reagan. Corso schreef zijn boek samen met de uitgever van een ufo-tijdschrift, die recentelijk twee boeken over geesten schreef. Het leest als een sciencefictionroman, compleet met dialogen die de auteur zich na meer dan dertig jaar nog haarscherp wist te herinneren. Niemand kan bewijzen dat het boek louter fictie is, al staan er wel dingen in die aantoonbaar onjuist zijn.

Corso beweerde dat hij twee jaar de leiding had over de (kleine) afdeling Foreign Technology in Washington, maar in werkelijkheid werkte hij daar slechts twaalf maanden, waarvan alleen de laatste 90 dagen als hoofd. Daarna was hij nog zeven maanden stafmedewerker op een andere afdeling, voordat hij zijn legercarrière op 1 maart 1963 beëindigde. Corso ging toen werken voor senator Strom Thurmond (een bekende voorstander van rassenscheiding), die een voorwoord schreef voor zijn boek. Thurmond trok dit voorwoord echter weer in toen hij ontdekte waar het boek over ging. Het is onduidelijk waarom Philip Corso op zijn oude dag fantastische verhalen ging vertellen. Maar dat is geen reden om ze serieus te nemen en hem te beschouwen als een betrouwbare getuige, zoals Coen Vermeeren doet.

In zijn tweede ufolezing aan de TU Delft zei Vermeeren onder meer:

“Ik heb de vorige keer ook iets verteld over Philip Corso. Philip Corso zegt heel duidelijk, en ik kom daar zo meteen na de pauze ook op terug, heel duidelijk, dat hij ook bij het recoveren van de ufo’s daar technologieën aantrof, en met die technologie moest hij, hij kreeg gewoon een opdracht als militair, om daar naar verschillende Amerikaanse grote bedrijven toe te gaan, en met name dus die laser optics, glass fibre optics, integrated circuits, dus de computer, technologie-achtige zaken, en night vision equipment, hij noemt er nog een paar in zijn boek ook, dat zijn eigenlijk technologieën die door hem van de ET’s naar de Amerikaanse bedrijven zijn gebracht en vanaf dat moment zijn die ook verder ontwikkeld.”

Niet dom maar dapper

Als je ervoor open staat, kun je de ufo’s volgens dr. Vermeeren zelf waarnemen. Hij zag er vorig jaar al vier vliegen en realiseerde zich dat hij er in het verleden waarschijnlijk nog veel meer heeft gezien zonder daar acht op te slaan. In zijn lezingen overspoelde hij zijn gehoor met onzinnige en ongefundeerde beweringen, die hij als feiten presenteerde. Vermeeren gelooft onder meer:

  • dat Galilei en Copernicus duidelijk maakten dat de aarde rond is (een bekende misvatting),
  • dat er op veel oude religieuze schilderijen ufo’s staan afgebeeld (zie deze website voor tegenargumenten),
  • dat er helderzienden bestaan die kunnen vertellen wat er in je portefeuille zit,
  • dat er in Nepal een jonge monnik woont die maandenlang zonder eten en drinken kan,
  • dat Erich von Däniken geen onbetrouwbare pulpschrijver was, maar auteur van een belangwekkend boek,
  • dat er apparaten bestaan waar meer energie uitkomt dan je erin stopt en dat Nicolas Tesla al een auto had die op vrije energie liep,
  • dat vortexen centraal staan in de moderne natuurkunde,
  • dat aliens de aardse wapensystemen meermaals buiten werking hebben gesteld om een ramp te voorkomen,
  • dat buitenaardse technologie onze wereld kan redden, maar dat de machthebbers deze technologie voor ons verborgen willen houden.

Vermeeren beseft dat het nog ‘een klein beetje taboe’ is om aan de universiteit van Delft over zulke dingen te spreken, maar hij doet er alles aan om hierin verandering te brengen. Er moet over gesproken worden, want anders kunnen we de wereldproblemen niet oplossen! Het weekblad van de TU Delft publiceerde in februari een interview met Vermeeren onder de titel ‘Wetenschapper ziet het licht’. De auteur van het stukje schreef aan het slot: ‘Of Vermeeren de sceptische bezoekers van zijn lezing heeft overtuigd is zeer de vraag. Maar het valt te prijzen dat hij met zijn dappere lezing een ander geluid liet horen in Delft.’

Vermeeren is dus niet dom maar dapper! Als er zo over hem wordt gedacht, dan is het te begrijpen dat men hem alle ruimte wil geven om zijn ideeën uit te dragen. Het zou echter verstandiger zijn wanneer dat niet gebeurde onder de vlag van een gerenommeerde universiteit en op kosten van de overheid, maar in een newagecentrum.

Bronnen
De lezingen van Coen Vermeeren kunnen online worden bekeken op de website van de TU Delft. De eerste lezing duurt een uur en de tweede lezing duurt twee uur. Je kunt de powerpoint-dia’s aan de rechterkant gebruiken om snel door de lezingen te bladeren. Wie op zoek is naar spannende vakantielectuur kan het boek van Philip Corso downloaden.
Om een indruk te krijgen van het wetenschappelijke niveau van de andere lezingen, kun je als voorbeeld het verhaal van Bert Janssen bekijken, een bevlogen onderzoeker van graancirkels, leylijnen en andere mysteries. De meest recente lezing (van 7 juni) over Wicca en astrologie maakte onder meer duidelijk dat het Aqariustijdperk in 2012 zal aanbreken (zie dia 155).

Update 10 december 2010: Coen Vermeeren onder toezicht

Zie ook het artikel ‘Ufo’s op de maan: complottheorieën van dr. Coen Vermeeren‘, in Skepter 24/1, p. 11-17.

Volgende blogartikel
Voorgaande blogartikel

83 thoughts to “TU Delft gekidnapt door aliens!”

  1. Ik heb ooit wat mailverkeer met hem gehad en hem wat kritische alu-vragen gesteld. Het enige wat ik kreeg was afwijkende vage antwoorden zoals: Hou het internet maar in de gaten, daar kun je al het nieuws lezen. Ook gelooft hij in de magnetenmotor van Yildiz. Alleen hebben we daar helaas weer niks van gehoord. Yildiz lacht zich kapot omdat hij weer een gratis snoepreisje heeft gehad. Mooi stuk dus dit!

  2. Ik verwachte een pleidooi voor wetenschappelijk renown en doen. Dit stukje van de schrijver valt individuen aan op hun betrouwbaarheid.

    Radarwaarnemingen in combinatie met getuigenissen van mensen terplekke zijn in te zien op;

    http://www.nationalarchives.gov.uk/ufos/

    Meer Dan genoeg om wat empirisch onderzoek te beginnen.

    Nog een vraag aan de schrijvers. Wat is de bedoeling van deze essay?

  3. @Michiel

    In de Sorbonne promoveerde de thans 72-jarige Elizabeth Teissier in 2001 in de ‘sociologie’ op een astrologisch proefschrift. Dat is natuurlijk al erg genoeg, maar (1) tijdens en onmiddellijk na die promotie kwamen er felle protesten en (2) er was geen leerstoel in de astrologie en die is er sindsdien ook niet gekomen.

    Wat betreft (2) hierboven: de protesten tegen de onverholen occulte propaganda in Delft zijn erg onopvallend geweest.

  4. @ Rob

    De lezing heb ik helemaal bekeken. Ook ik vond het een bont samenraapsel van allerlei beweringen, waarbij het niet altijd duidelijk is of Coen dit zelf gelooft of dat hij anderen citeert. Dit vind ik wel een fout van iemand waarbij je toch onafhankelijkheid verwacht (wegens zijn positie binnen de TU Delft). Maar de teneur is inderdaad zoals je beschrijft.
    De opvallendste uitspraak vond ik wel dat Coen zonder blikken of blozen zei de kernwapens afgeschakeld zouden zijn door buitenaardsen. Dat is een erg groot statement en dan verwacht je wel wat meer bewijs.

    Coen is iemand die graag opties open houdt. Dat kan ik in hem prijzen, dat doet een wetenschapper in principe ook. Maar opties open houden, betekent niet klakkeloos aannemen wat je her en der bij elkaar scharrelt. Zelf kom ik ook eerder uit de alternatieve hoek, maar ik begin steeds meer de beperkingen hiervan in te zien. Misschien moeten de ‘alternatieven’ zich anders gaan opstellen.

    Ik heb een idee (bijvoorbeeld voor de universiteit Delft) dat recht doet aan Coen, maar ook aan de wetenschap.

    Alle ideeën die Coen hier spuit, zouden verzameld moeten worden en netjes geordend. Je krijgt zo een lijst aan onderwerpen.
    Vervolgens mogen studenten van de TU Delft (in figuurlijke zin) gaan schieten op deze onderwerpen. Hiertoe kunnen groepjes gevormd worden, en elke student kiest een onderwerp dat hem of haar het minste interesseert (dit is uitdrukkelijk niet bedoeld als: er een sterk afwijzende mening over hebben). Dit is geen schrijffout. Want als de student bij voorbaat wel erg geïnteresseerd is, heb je kans dat hij of zij al een mening klaar heeft en bevooroordeeld is. Bovendien verruimt iemand zo werkelijk zijn kennis met iets ‘nieuws’. Elk groepje kan zich specifiek met een onderwerp bezig houden. Deze studenten moeten zich houden aan geldende wetenschapseisen. Als iets geheel afgeschoten wordt, kunnen de studenten ook aangeven welke onderzoeken er nodig zouden zijn om wél bewijs te verzamelen en hoe ze zich dat voorstellen.

    Coen zou in deze een andere rol in dienen te nemen. Als de docent (of wat dan ook) die onderwerpen afvuurt. Hij zou dan een vakgroep kunnen leiden voor ‘alternative statements’. Zo kan hij toch zijn interesse kwijt.

    Ook ik realiseer me steeds meer dat de alternatieven niet verder komen. Er móet onderzoek gedaan worden, en men moet bereid zijn een open vizier te houden, zowel richting de wetenschap als richting reële opties. Al dat gepraat leidt niet naar wat men er mogelijk mee beoogt. Ik heb in de film Avatar een duidelijk doel gezien voor het kunnen verleggen van het menselijke bewustzijn van het ene lichaam in het andere, en dit is de richting die we mijns inziens zouden moeten inslaan. Concreet!

    Concrete doelen formuleren, ook ik wil die kant op, want ik word het gepraat over… onderhand behoorlijk moe.

  5. Ten tijde van het blog Perpetuum mobile van Martin Bier stonden de geplande lezingen voor de komende maanden vermeld op de site van Studium Generale. Een daarvan was een lezing in juli (of september) van tantrist/architect Jan den Boer, bekend van artikelen over de geneugten van het tantrisme op de pagina’s Religie en Filosofie van Trouw (Weekend tantrisme in Orvelte, met of zonder partner, ca 950 euro). De titel luidde : “Lust en [nog iets]”. Ik kan deze lezing nergens meer terug vinden, ook de andere aangekondigde lezingen niet. Of ik zoek niet goed, of ze zijn van de site verwijderd, mogelijk onder invloed van de publiciteit op het blog Perpetuum mobile.

    Over architecten gesproken, Bert Janssen wiens wilde associaties en stem à la Bert Visscher ik alleen dankzij veelvuldig doorspoelen heb kunnen verdragen, verbaast zich erover dat men in de Middeleeuwen zo snel een geniale architect vond om na een brand een nieuwe kathedraal van Chartres te ontwerpen. Ik verbaas mij daar helemaal niet over, in die tijd hadden ze geen architecten zoals we die nu kennen. Er waren rondreizende groepen bouwmeesters en vaklieden het land doorkruisten op zoek naar werk, ze werkten zolang ze betaald werden. Iemand van de afdeling Architectuur van de TU Delft zal hier ongetwijfeld meer over kunnen zeggen.

    Maar al zoekende op de site van Studium Generale ontdekte ik dat de studenten van de TU Delft ook behoorlijk alternatief begeleid worden (Studentenportal, Smartstudie). Onder de aan de studenten gegeven workshops en trainingen vond ik onder meer de volgende citaten :

    “In 3 vrijdagmiddagen, die samen maar ook afzonderlijk te volgen zijn, maak je op een praktische manier kennis met drie verschillende manieren van lichaamswerk die je kunnen helpen lichamelijke spanningen te verminderen en beter contact te maken met jezelf. De thema’s zijn neo-reicheriaans lichaamswerk, hoofd-nek-schoudermassage en haptotherapie.”

    “Door praktische oefeningen ervaar en leer je op een rustige manier contact te maken met jezelf, oefen je in het verbinden van hoofd (denken) en voelen (lichaam) en ervaar je hoe dit je kan helpen in het contact met anderen en het loslaten van spanningen.”

    “Je leert jezelf de spanningsverminderende techniek “Emotional Freedom Technique” (EFT) aan. Deze techniek is gebaseerd op principes uit de cognitieve gedragspsychologie en acupunctuur en is makkelijk aan te leren en zelf naar behoefte toe te passen.”

    “De methode die in deze workshop is gekozen om problemen zoals beschreven te behandelen, is die van de structuuropstelling, een methode van opstellen, gebaseerd op het systemisch werk van Bert Hellinger (zie links). Een opstelling bij dit onderwerp is een weergave van een aantal factoren in het systeem van de student in de ruimte, dat wil zeggen dat medestudenten worden gekozen om relevante factoren te representeren en een plaats krijgen in de ruimte. Door de interactie die hierna ontstaat kunnen verstoringen in het proces van keuzesmaken aan het licht komen en mogelijk in de richting van een oplossing worden geleid.”
    [volgen links naar twee Hellinger-sites ; ook in andere workshops/trainingen gaat het over de familieopstellingen van Hellinger].

    “Er is een direct waarneembare communicatie tussen mensen, maar ook continu een minder duidelijk zichtbare uitwisseling van energie. Als je onvoldoende controle hebt over het afschermen van je energie, kan het gebeuren dat situaties of mensen je leegzuigen of overspoelen.
    Tijdens de Workshop wordt gedemonstreerd hoe deze energie-uitwisseling een onmiskenbare invloed heeft op je gevoelens, gedachten en gedragingen (je kunt er bijvoorbeeld vrolijk en opgewekt door worden of juist moe, leeg of lusteloos).
    Ook worden een paar technieken uit de Energie Psychologie behandeld die gebaseerd zijn op principes uit de westerse psychologie en traditionele Chinese geneeskunde.”

  6. Robs artikel is een treffend voorbeeld van Skepsis “at its best” en precies de reden waarom ik een loyale donateur van deze stichting ben.

    Maar het artikel leidt bij mij ook tot een sterke verontwaardiging. En laat me uitleggen waarom.

    Stichting Skepsis presenteert nuchtere feiten als alternatieve verklaring voor allerhande bijzondere claims die mensen/organisaties de wereld inslingeren. Deze nuchtere feiten worden via verschillende media (waaronder dit blog) aan het publiek kenbaar gemaakt en de Stichting biedt daarmee een vrije keuze aan eenieder om in het nuchtere feit of in de bijzondere claim te geloven. Gewoon een kwestie van vraag en aanbod.

    Er is voldoende aanbod van bijzondere claims, maar het genereren van nuchtere feiten daartegenover vergt het ontginnen van wetenschappelijke bronnen aangevuld met creativiteit en intellectuele energie van de academische vrijwilligers die deze Stichting draaiend houden.

    Maar wie bezitten de meeste wetenschappelijk bronnen? Juist, de Universiteiten. Dus wie zouden eigenlijk die nuchtere feiten voor het publiek moeten produceren? Juist, de Universiteiten. Maar wie houden zich liever met echte wetenschap bezig en hebben verder totaal geen interesse in het ontmaskeren van die niet aflatende stroom bijzondere claims? Juist, de Universiteiten.

    En wat zien we nu opeens in Delft gebeuren? Ene Dr Coen, die als een soort spirituele wolf in wetenschappelijke schaapskleren toegestaan wordt om bijzondere claims zelfs te gaan GENEREREN en PROMOTEN onder de vlag van een normaal gesproken zelfkritisch en zelfreinigend wetenschappelijk huis. Als je als een Gerenommeerde Universiteit besluit om zo’n Trojaans paard binnen te halen en sterker nog, de sluwverscholen spirituele soldaten in zijn houten buik zelfs faciliteert bij het ontsnappen, dan is dat simpelweg een dolk in de rug van de Stichting Skepsis dat belangrijk werk doet waar juist diezelfde Universiteiten hun neus voor ophalen.

    Zo. Dat lucht op.

  7. Sluit mij aan bij Agno en wil er dit citaat aan toevoegen: ´…op kosten van de overheid´.
    Helaas weten we in dit stadium nog niet wie er dadelijk in het nieuwe kabinet op de post voor Onderwijs zit. De formateur praat op dit moment met iemand die er zelf een beetje als een alien uitziet (nee, ik bedoel niet Balkenende). Dat belooft niet veel goeds.

  8. De breedte van hun visie en de manier waarop ze de wereld ervaren, bepaalt hoe mensen reageren op wat hen onbekend is. Dat geldt niet alleen voor de politiek (zie de jongste verkiezingen), maar ook voor de wetenschap. Het fundamentalistische empirisme van Skepsis is zodoende even weinig wetenschappelijk in de zin van het onbevooroordeeld onderzoeken van het onbekende, als de reactie van de toenmalige kerkautoriteiten op het baanbrekende werk van Copernicus en Galileo. Wat mij betreft alle lof aan iemand als Coen Vermeeren die in de context van zijn wetenschappelijke werk wél verder durft te kijken, zelfs al zou zijn onderscheidingsvermogen hem daarbij een enkele keer in de steek laten. Niet alleen durft hij het aan om vanuit een kwetsbare positie in het wetenschappelijke establishment de decennia-lang door regeringen volgehouden tegenstelling tegen te spreken dat (a) ufo’s niet bestaan, en (b) dat ze desondanks weinig goeds in de zin hebben, maar belangrijker nog, hij veegt de ervaring van honderdduizenden intelligente mensen over de hele wereld niet achteloos van tafel. Heeft de bekrompen houding die Skepsis in zijn werk hanteert de mens al niet lang genoeg in zijn ontwikkeling beperkt?

  9. @ GA
    Complottheorieën hebben niets met wetenschap te maken. Je kunt de feiten niet onderzoeken als je aanneemt dat ze opzettelijk verborgen worden gehouden. Hoe zou je willen aantonen dat Clifford Stone en Philip Corso de waarheid spreken?

  10. @ Rob Nanninga
    Het leggen van verbanden tussen onverklaarde verschijnselen of gebeurtenissen – die onverklaard blijven omdat skeptici of ‘de wetenschap’ ze taboe hebben verklaard – maakt die verschijnselen of gebeurtenissen nog niet tot complottheorieën.
    Complotten van regeringen en duistere agentschappen om de bevolking via ondemocratische methoden onkundig te houden van de realiteit van ufo’s en buitenaardse bezoekers, of daarover angst te zaaien, zijn echter wel een feit.
    Feit is ook dat Stanton Friedman, Steven Greer, en andere gerenommeerde ufo-onderzoekers zelf een wetenschappelijke achtergrond hebben en op democratische wijze proberen de feiten zoals die bij regeringen bekend zijn, boven tafel te krijgen. (Dat daarbij ook fouten gemaakt worden is onvermijdelijk.)
    Feit is dat wanneer astronauten, legerofficieren, piloten of andere bekleders van functies waarvoor zware eisen aan hun psychologische gezondheid worden gesteld, zeggen dat zij een ongeïdentificeerd vliegend voorwerp hebben gezien, er volgens skeptici bij hen plotseling een steekje los moet zitten als ze weigeren het weg te verklaren als weerballon of iets anders dat overigens niet de eigenschappen kan vertonen waarvan deze mensen zelf getuige waren.
    Feit is dat hoe minder openheid van zaken er wordt gegeven, hoe groter de kans is dat er complottheorieën ontstaan.
    Het feit dat er complottheorieën gesponnen worden kan ‘de wetenschap’ zich dus vooral zelf aanrekenen, omdat ze zichzelf heeft verheven tot de maat van al het ‘redelijke’, en wat ze zelf niet begrijpt heeft weggezet als ‘randwetenschap’ of ‘pseudo-wetenschap’, waarmee bekrompen geesten hun eigen tunnelvisie rechtvaardigen, in plaats van met een onbevooroordeelde, onderzoekende houding, en door kritisch, maar onafhankelijk nadenken zelf verbanden te leggen en waar nodig verklaringen toe te laten ook al vallen die buiten je bestaande begrip.

  11. Leve het Feit! Geloof in goden, in heiligen, in sterren en natuurlijk in complottheorieen. Er gaat niets boven het geloof in het Feit. Neem de mensen het geloof af en ze zijn reddeloos verloren. Sticht een godsdienst van het Feit en je hebt weer volle kerken. Predik tegen het Complot van de regeringen, de duistere gemeenschappen /wat zijn dat eigenlijk/ en je kunt op zondagmorgen twee uur aan de gang zonder dat de aandacht verslapt. De dominees of priesters die dit opzetten, rijden in no time in dure Rolls rond en verdienen tonnen per jaar. Houd processies in de straten en draag de kleine, groothoofdige aliens met vier vingers aan hun handen, tenminste hun houten kopieen voorop en je krijgt de gelovigen op de knieen. De ongelovigen, die blijven staan, worden neergeknuppeld in de naam van het Feit. De verruimde geesten kunnen dan een soort inquisitie instellen om de ongelovigen in bedwang te houden, de sceptici monddood te maken en het onderwijs weer dienstig maken aan het Feit. O ja, laten we de intelligente piloten niet vergeten aan te stellen als hulpprediker.
    Even serieus, ik zag, voordat het netvlies van mijn rechteroog begon los te laten, regelmatig lichtflitsen en ik was toch geen piloot en ik ben ook niet bijster intelligent. Een onnozele wetenschapper,
    een oogarts, heeft toen e.e.a. weer hersteld tot mijn volle tevredenheid en mijn zicht is weer als van ouds.
    Geen lichtflitsen meer. En helaas, geen geloof!

  12. @ G Aartsen

    “de reactie van de toenmalige kerkautoriteiten op het baanbrekende werk van Copernicus en Galileo.”

    Verspreiders van pseudowetenschap hebben er een handje van zich met Galilei te vergelijken. In dit geval wordt zelfs Copernicus erbij gehaald. Wat was de reactie van de kerkelijke autoriteiten op Copernicus?
    Copernicus was een kannunik van een Duits-Pools bisdom. In 1514 schreef hij een werkje waar zijn hele systeem al in stond, de zogeheten Commentariolus.
    Tegen 1530 deed het bericht over een nieuwe astronomische theorie de ronde, en in 1533 liet paus Clemens VII zich in gezelschap van onder meer twee kardinalen en een bisschop zich door zijn secretaris de copernicaanse theorie uitleggen. De secretaris ontving een kostbaar geschenk. Na de dood van Clemens trad deze secretaris in dienst bij kardinaal Schönberg, die ook enthousiast werd en die Copernicus dringend vroeg om een boek over zijn theorie te schrijven. In het uiteindelijke boek, De Revolutionibus, dat op de sterfdag in 1543 van Copernicus verscheen, staat een voorwoord gericht aan paus Paulus III. Copernicus merkt op dat er wel mensen zijn die hem uitlachen, maar hij vergelijkt die met Lactantius (iemand die erom bekend stond dat hij de bolvom van de aarde ontkende, in feite de enige geleerde van enige naam die dat sinds Aristoteles had gedaan; zoals bekend waren de oude Grieken goed op de hoogte van de bolvorm van de aarde).
    Er waren wel ‘kerkelijke autoriteiten’ die negatief reageerden op Copernicus. Een daarvan was Maarten Luther; ook Melanchton moest er niets van hebben.

    De censoren van de r.-k. kerk verordonneerden pas enkele correcties in De Revolutionibus toen Galilei in 1616 zijn theorie aan hen voorlegde. Die was dat de getijden het doorslaggevende argument vormden voor de draaiing van de aarde (de maan komt bij G. niet voor, dat die er iets mee te maken had vond hij maar Germaans bijgeloof van Kepler; dat het tweemaal en niet eenmaal per dag eb en vloed wordt klopt niet met G.’s verhaal, maar dat was voor G. een onbelangrijk detail).

    G. moest beloven niets over de heliocentrische theorie te schrijven. Later (1630) deed hij het toch toen hij dacht dat de nieuwe paus op zijn hand was. Maar hij deed dat in een vorm waarin hij de standaard kerkelijke opvatting behoorlijk belachelijk maakte. Of de kerkelijke autoriteiten het getijdenargument begrepen hebben weet ik niet; ik kan er nog steeds geen touw aan vastknopen, dus waarom 17de-eeuwse niet-wetenschappers het wel zouden hebben gekund, ontgaat me. Maar de combinatie van zich niet aan al dan niet schriftelijk vastgelegde afspraken houden plus de tegenstanders belachelijk maken was waarschijnlijk bepalend voor de reacties van de r.k. kerk.

    Kerkelijke autoriteiten zouden daar natuurlijk boven moeten staan, en zich ook niet moeten bemoeien met natuurkunde, maar in dit geval nam G. het initiatief om zich met theologie (niet zijn vak) te bemoeien en behalve foute argumenten (die waarschijnlijk niemand gesnapt heeft) de autoriteiten belachelijk te maken (altijd riskant). Met de correctheid van G.’s redenering had het niets te maken.

    De draaiing van de aarde (zowel om haar as en om de zon) is alleen uit dynamische effecten afleidbaar, en niet uit kinematische. Nog ver in de 17de eeuw waren er diverse systemen in omloop, die onderling meetkundig equivalent waren (dynamisch natuurlijk niet).

  13. Tussen twee haakjes, als je zo hoog gekwalificeerd bent, wat doe je dan in een vliegtuig? Van A naar B en weer terug? Dat deed mijn vader ook, maar dan minder gekwalificeerd, en wat langzamer, als trambestuurder! Ook hij bracht mensen waar ze zijn wilden en het verkeer is heel wat drukker op de grond dan in de lucht.

  14. In een interview met The Guardian zegt professor Brian Cox vandaag dat echte wetenschap een keuze inhoudt: “…a good scientist, a really pure scientist, would have to accept that that constant drive to unify forces together and to find a simpler, more economical description of nature, is really a choice – it’s an act of – I was going to say an act of faith, but that makes it sound mystical, and there’s nothing mystical about science actually.”
    Kennelijk kun je als wetenschapper dus kiezen voor een fundamentalistische aanpak, of voor een gedurfder benadering, waarin je probeert het ogenschijnlijk onverenigbare te verenigen. Denk aan Einstein, die dingen ‘wist’ of ‘zag’ voordat hij ze kon bewijzen.
    Zie voor het interview met Cox: http://www.guardian.co.uk/theguardian/2010/jun/19/saturday-interview-physicist-brian-cox

  15. @ G. Aartsen

    Einstein leverde theorieen die falsifieerbaar zijn. Er is nog geen pseudo-wetenschappelijke theorie die dat is.
    Zie Karl Popper, Conjectures and Refutations, Routledge, Londen 1963.

  16. Berichtgeving TU Delft over Randi en Coen:

    17-06-2010 | 08.50

    “UFO’s
    James Randi (82), een Amerikaanse bestrijder van paranormale fenomenen en pseudowetenschap, roept hoogleraar Coen Vermeeren op bezoeken van buitenaardse UFO’s te bewijzen. Hij deed dat op 11 juni in een lezing aan de Hogeschool Utrecht. Aanleiding waren lezingen die Vermeeren (Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek en Studium Generale) geeft over dergelijke fenomenen. Randi stelt dat het verstandiger voor een hoogleraar en een universiteit is om te vertellen dat buitenaards bezoek aan de aarde erg onwaarschijnlijk is en er geen wetenschappelijke bewijzen zijn. In een reactie stelt Vermeeren: ‘Wetenschap heeft tot doel het onbekende te ontdekken (…). De bewijslast die een link legt tussen het UFO-fenomeen en buitenaards leven is overweldigend (…). Helaas wordt door enkelen het onderwerp opzettelijk zodanig behandeld dat weinigen zich erin durven verdiepen, terwijl het (…) juist in deze tijd, ongelooflijk relevant is.’ Hij betreurt dat hij niet voor een debat is uitgenodigd.”

    http://www.delta.tudelft.nl/nl/nieuws/kort-nieuws/21417

  17. http://www.youtube.com/watch?v=KNZ2xve0zzI&playnext_from=TL&videos=jTkwXR9KJhc
    Wat doen ze hier ?
    Zijn het Boeren die gezaaid hebben en oogsten ???
    Als ze goedwillend zouden zijn hadden ze ons allang verder geholpen.
    Het leven is stukken gecompliceerder geworden vandaar ADHD bij onze jeugd.
    Wat is er dan mooier voor hun dan nieuwe uitdagingen,Andere planeten ,Andere culturen.
    Wat zouden ze een hoop extra kunnen leren.
    Lees op UFO-wijzer eens: In wisselwerking met een UFO.
    Worden wij niet al Eeuwen belogen en bedrogen ??
    Een Politiek leider heeft eens ooit tegen een Kerkelijk Leider gezegd:Houden jullie ze dom dan houden wij ze arm.

  18. Dit stukje zal wel verwijdert worden maar zolang als het duurt…
    Zou ik toch willen zeggen dat het e.e.a. aan gedachten hier ronduit lachwekkend zijn. Het valt me op dat er helemaal niet gereageert wordt op de inhoudt van het verhaal van Dhr. Vermeeren. Meneer Vermeeren wordt gewoonweg belachelijk gemaakt zonder enig bewijs van de kant van deze site, en de vraagtekens die er worden geplaats zijn van een dusdanig niveau waar je je vreselijk voor zoudt moeten schamen! Deze site heeft zelf absoluut geen onderzoek gedaan want anders zouden ze dezelfde conclusie trekken als Dhr. Vermeeren. Zo simpel ligt het nu… Je kunt roepen zonder bewijs maar dan heb je niets, net zoals op deze site. Of je gaat het fenomeen serieus benaderen en dan zal je vanzelf tot een andere conclusie komen. Maar ik vraag me af, is deze site gelanceert met een christelijk gedachtengoed in het achterhoofd, want dat zou namelijk heel veel verklaren!
    Ow ja, misschien een leuke nadenker voor jullie spektici. Wist je dat een alien-invasion en de christelijke wederkomst van Jezus christus hetzelfde is??? Ben benieuwd wat de reactie’s zijn!

  19. @jeroen,
    Ben het helemaal eens met je.
    Het leven van deze skeptici is niks waard zonder, als kleine kleuters, te mokken tegen mensen als Vermeeren en Paul Harmans. Ze hebben een stelling genomen en blijven daar halsstarrig en snotterend aan vast klampen alsof het een relikwie is. Ze weigeren naar de bewijzen te kijken want stel je voor dat ze er stiekem toch waarheid vinden.. brrr.
    Ik denk dat het meer persoonlijk is; misschien kunnen ze Paul gewoon niet uitstaan omdat hij slimmer is en beter onderzoek doet.

  20. Als er al meer dan zestig jaar aliens in ruimteschepen door ons luchtruim vliegen, dan mogen we aannemen dat men inmiddels over hard bewijsmateriaal beschikt. Vermeeren gelooft dat ook en baseert zich daarbij vooral op getuigen zoals Stone en Corso. Hij hecht ook veel waarde aan het Disclosure Project van Steven Greer, die dit soort getuigen naar voren haalt en beweert dat de autoriteiten al jarenlang contact hebben met buitenaardse aliens.

    Al in de jaren 1950 waren er ufologen zoals Donald Keyhoe die geloofden dat de waarheid spoedig door de autoriteiten onthuld zou worden. Sinds de jaren 1990 wordt dit geloof gepropageerd door Greer. Hij gaat ervan uit dat de gewenste informatie al beschikbaar is, maar om de een of andere reden wordt verzwegen of ontkend door een steeds groter wordende groep samenzweerders en stiekemerds.

    Vermeeren beschouwt Greer als een “key figure” en wil de indruk wekken dat hij wetenschappelijk bezig is. De activiteiten van Greer hebben echter nooit iets met wetenschappelijk onderzoek te maken gehad: http://www.mufon-ces.org/docs/outsidemagazine.pdf.

    In de jaren 1960 waren er nog wel wetenschappelijk georiënteerde ufo-onderzoekers die zochten naar verklaringen voor bepaalde waarnemingen. Maar dit heeft even weinig opgeleverd als onderzoek naar Bigfoot of het monster van Loch Ness. De hedendaagse populaire ufologie, waarop Vermeeren zich baseert, heeft alleen nog belangstelling voor complotten, cover-ups, geheime documenten en sterke verhalen (die elkaar allemaal tegenspreken).

    Vermeeren zei: ‘Helaas wordt door enkelen het onderwerp opzettelijk zodanig behandeld dat weinigen zich erin durven verdiepen…’ Hij gelooft blijkbaar dat mensen zoals ik in staat zijn om onderzoek tegen te houden. Maar het werkelijke probleem is, dat het gaat om zaken die volgens hem opzettelijk verborgen worden gehouden door mensen die de macht in handen hebben. Zo’n hypothese laat zich niet wetenschappelijk onderzoeken. Het is een geloof dat al bij voorbaat nooit ontkracht kan worden.

  21. Het verweer van dergelijke vooroordeel-Skepsis-sceptici is onder andere telkens maar weer dat er geen wetenschappelijk onderzoek bestaat dat het bewijs voor buitenaardse herkomst van UFO’s levert. Nu zijn die er wel, denk bijvoorbeeld aan het Cometa rapport, echter dat wordt net zo gemakkelijk door de professionele ontkenners van Skepsis met een vies gezicht opzij geveegd als de hondenpoep onder hun schoen. De paradox in deze is dat sceptici van de UFO-voorstanders voorbeelden van wetenschappelijk UFO-onderzoek eisen, maar dat ze er zelf (de sceptici) de oorzaak van zijn dat dergelijk wetenschappelijk onderzoek zeldzaam is. Alle sceptische organisaties wereldwijd doen al 50 jaar uitzonderlijk veel moeite om elke wetenschapper die maar de minste interesse in UFO’s toont van onderzoek af te houden. Men tracht altijd (zoals ook nu weer bij Skepsis) de eventueel erbij betrokken universiteit zo te beïnvloeden dat men de betreffende wetenschapper van verder onderzoek afhoudt. De TU Delft zou volgens Nanninga geen overheidsgeld aan dergelijk onderzoek mogen besteden, een mooie binnenkomer natuurlijk voor de eventuele beleidsmakers op de TU Delft die het UFO-onderwerp ook sceptisch bejegenen.

    Vreemd eigenlijk, als je zo overtuigd bent van je sceptische standpunt dat UFO’s onzin zijn, dan zou je juist een dergelijk onderzoek op de TU Delft moeten aanmoedigen. Dat onderzoek zou dan mooi jouw sceptische overtuiging bevestigen, want je mag toch aannemen dat wetenschappers zelf ook de resultaten van hun onderzoek serieus nemen en in het geval dat uit hun onderzoek zonneklaar blijkt dat UFO’s onzin zijn, dan zullen ze dat ook zo publiceren. Of zouden de sceptici toch bang zijn voor een andere conclusie, een conclusie die uit de spaarzame wetenschappelijke onderzoeken wel duidelijk naar voren komt, namelijk dat zo’n 10 tot 30% van de UFO-waarnemingen totaal onverklaarbaar blijkt te zijn en dat na diepgaande bestudering van die gevallen de buitenaardse hypothese als het glazen muiltje van Assepoester op het fenomeen past? Nog een duidelijke conclusie uit dergelijke onderzoeken is dat het fenomeen beslist een grootschalig, diepgaand en onbevooroordeeld onderzoek waard is. Maar dat is nu juist iets dat de ontkenners willen tegenhouden.

  22. Nog steeds worden er hier op aarde nieuwe soorten van leven ontdekt.
    En naar Bigfoot is wel degenlijk wetenschappelijk onderzoek gedaan en het is bewezen dat die bestaat.

  23. @ Paul Harmans
    Vermeeren propageert sterke verhalen van mensen als Stone, Corso en Greer. Dat heeft niets met wetenschappelijk onderzoek te maken. Als zulke verhalen kloppen, dan beschikken we al 63 jaar over buitgemaakte ufo’s en aliens. Waar is dat onderzoek dan nog voor nodig?

  24. Waarom zijn wij mensen toch zo arrogant om te geloven dat in dit grote Universum wij op deze planeet het enige leven zijn.
    Zijn wij Goden of Microben is daar een mooi voorbeeld van.

  25. Vermeeren poneerde onder andere iets over vortextechnologie, en meldde dat alles vortexen is in de moderne natuurkunde. Dat zou ik wel eens willen zien toegelicht. De natuurkunde bestudeert natuurlijk wel wervels, en met enige fantasie zou je uraniumverrijking met ultracentrifuges wel ‘vortex technologie’ kunnen noemen, maar dat vind ik te mager voor ‘alles’. Ik weet wel dat die omhooggevallen boswachter Victor Schauberger met zijn ingestraalde water dat soort woorden gebruikt, maar nu gaat het even om de moderne natuurkunde.

    Wie in het AMOLF of in CERN of in een universitaire natuurkundefaculteit houdt zich met vortexen bezig? Waar in de kwantummechanica komen de vortexen voor?

  26. @ Oliemeulen

    Er zijn ongeveer 10²² sterren en slechts weinigen in de wetenschap zouden ervan opkijken als het leven niet zo uitzonderlijk blijkt. Dus tja, ergens zal er wel leven zijn, en misschien zelfs wel tamelijk veel. Die arrogantelingen die denken dat ‘wij’ de enigen in het heelal zijn zijn er niet zoveel in de wetenschap.

    Aan de andere kant zal lang niet iedere ster planeten hebben waar leven makkelijk op ontstaat. Bovendien zijn zelfs de dichtstbijzijnde sterren heel ver weg. Als je de sommetjes doet (ik zeg: “Doen!”), zul je zien dat interstellair reizen hetzij een onvoorstelbaar grote hoeveelheid energie vereist of een onvoorstelbaar lange reistijd. Daar stappen die gelovigen luchtigjes overheen of denken dat daar wel een oplossing voor gevonden is door de hypothetische oorzaken van door leken onidentificeerbare hemelverschijnselen.

    Maar alle beweging van materiële objecten voldoet aan de wetten van Newton/Einstein. Ook bewegingen van objecten die van andere sterren komen.

  27. Als licht het snelste is !!
    Waar blijft het Zwarte/Donkere dan ????
    Of word die voortgestuwd ????
    Dus het Zwarte/donkere/schaduw is sneller dan het licht !?

  28. Aan het begin van z’n tweede lezing houdt Coen Vermeeren zijn gehoor voor dat wat hij presenteert geen wetenschap pretendeert te zijn. Echter, na zo’n drie kwartier in die lezing toont Coen, op dia nummer 61, een tabel waarin de soorten buitenaardse wezens in alfabetische volgorde gerangschikt staan. Hij komt uit op 49 verschillende soorten buitenaardse wezens, maar hij maakt daarbij het voorbehoud dat het er ook 42 kunnen zijn. Dit alles komt na dia nummer 60 waarin we op een video te zien kregen hoe Clifford Stone getuigt dat er 57 verschillende soorten buitenaardse wezens geidentificeerd zouden zijn. Coen mag dan wel zeggen dat het geen “wetenschap” is, maar met een op een periodiek systeem gelijkende tabel en met getallen als 42, 49 en 57 wordt er natuurlijk wel degelijk gesuggereerd dat hier systematisch en kwantitatief te werk wordt gegaan. De benaderingswijze, zo is de impliciete boodschap, wordt gekenmerkt door de grondigheid, de integriteit en de nauwkeurigheid van een heuse beta-wetenschapper.

    In de tabel treffen we bizarre benamingen aan als “Lemurian Hybrids,” “Sons of Darkness,” “Sons of Light” en “Vampurian Reptilians.” Voor wat betreft de bronnen die ten grondslag liggen aan de tabel geeft Coen de volgende toelichting: “Ik heb even zitten google-en op ‘ET species.'” Dit inspireerde me om eenzelfde cyberspeurtocht te gaan ondernemen. Zelf op onderzoek uitgaan is tenslotte ook wat gepropageerd wordt door Coen in z’n lezing en door de ufo-enthousiasten in de reacties op deze blog. Welnu, Google geeft een gigantische hoeveelheid materiaal bij de betreffende search, maar ik krijg een onbestemd gevoel dat Coen in z’n speurtocht nooit veel verder is gegaan dan http://www.maar.us/alien_species.html. “MAAR” staat hierbij voor Malevolent Alien Abduction Research. Coens tabel staat bovenaan die webpagina. Coens dia 61 is letterlijk ge-“copy-and-paste” uit die webpagina (inclusief de verschrijving “Ultratraterrestrials”).

    Onder de tabel op die webpagina vinden we korte toelichtingen over elk van de buitenaardse soorten. Over de Sons of Darkness lezen we het volgende: “This is a species that has supposedly perpetuated a war within our universe to battle for the human soul … It is unclear if they are a true alien species or demonic as both sides of the Bible and UFO camps claim them as their own.” Blijkbaar wedijveren de bijbelfundamentalisten en de ufo-freaks dus nog om deze Zonen der Duisternis. Gelukkig voor ons worden de Sons of Darkness bestreden door de Sons of Light. Over deze laatsten lezen we: “This is a species that fights the Sons of Darkness within our universe … supposedly sent to protect all humanoid species since the beginning of time.” Sorry hoor, maar ik zie hier toch echt weinig anders dan een mengsel van mythologie en science fiction dat net zo pretentieus is als dat het vaag en goedkoop is.

    Bovenaan de voornoemde webpagina staat de volgende aanbeveling: “If you have had an experience with another species besides what’s listed, please email us here and let us know. Also look in the sub categories to see if it’s listed.” Tsja, of het er nu 42 of 49 of 57 zijn, dat doet er natuurlijk niet zo toe als aan iedere vrijbuiter met een beetje verbeelding de mogelijkheid wordt geboden om een buitenaards soort aan de inventaris toe te voegen. Om daar dan categorisaties en tabellen op los te gaan laten is natuurlijk volstrekt belachelijk! Uiteindelijk kun je je dan net zo goed gaan bezighouden met de vraag hoeveel kabouters er op de Kempen zijn.

  29. @ Martin Bier

    Mag ik hier simpelweg opmerken dat ik heb genoten van je bijdrage? Je bent op onderzoek gegaan en je zit Coen akelig dicht op zijn hielen.

    Deze op-Coen-Vermeeren-geïnspireerde Google zoektocht kent blijkbaar vele hilarische momenten zoals deze:

    “Blijkbaar wedijveren de bijbelfundamentalisten en de ufo-freaks dus nog om deze Zonen der Duisternis. Gelukkig voor ons worden de Sons of Darkness bestreden door de Sons of Light. ”

    Coen kan, zoals ik eerder al suggereerde, zeer goed fungeren als aanjager van een ‘Alternative statements’ vakgroep binnen de TU Delft.

  30. Het laatste nieuws is dat Vermeeren nu ook goede contacten onderhoudt met de Vlaamse chemtrailbestrijder Peter Vereecken en optrad op een symposium dat door de groep van Vereecken werd georganiseerd. De website Grenswetenschap maakte al eens een aardig interview met Vereecken: http://www.youtube.com/watch?v=5jxLi6E-hb4

    Studium Generale Delft organiseert al geruime tijd vreemde lezingen. Zo was er op 17 november 2008 een lezing door Zef Daamen over de geometrie van graancirkels. Damen wacht volgens zijn website niet op aliens maar op het moment dat de Maitreya zich bekend zal maken. “Maitreya is de Wereldleraar voor het op handen zijnde Watermantijdperk. (…) Hij is de Meester van alle Meesters.”

    De SG-lezingen vinden plaats onder verantwoordelijkheid van een redactieraad, waarin onder meer vier hoogleraren en zeven doctoren zitting hebben. Zij voelen naar het schijnt geen van allen de behoefte om onzin tegen te gaan.

  31. Sympathie kon ik wel opbrengen voor Vermeeren met zijn eerste ufolezing, maar al niet geheel zonder twijfels aan zijn insteek. Wat we nu zien gebeuren is dat wetenschapper VERMEEREN een tweede PIM VAN LOMMEL dreigt te worden.

    Vermeeren heeft zijn hobby gevonden, zoveel is wel duidelijk en hij maakt niet de indruk daar ooit weer los van te zullen komen. Het is wachten op z’n eerste ufoboek, vermoed ik, dat met een beetje pech net zo goed gaat verkopen als dat van Van Lommel.

    Eind vorig jaar schreef ik onderstaand verhaal aan Vermeeren en hij vond de aangedragen argumenten allemaal valide. Hijzelf vermoedde dat er meer was, maar waar die toenemende stelligheid nu op gebaseerd is ontgaat me steeds meer.
    Ik schreef:

    “Uiteraard zou een buitenaardse oplossing interessant zijn, maar voorlopig hebben we niet eens wetenschappelijke tools om een eventuele aardse oorsprong te vinden, laat staan dat we over een buitenaardse oorsprong gaan oordelen.

    Natuurlijk kan er gelijktijdig naar een buitenaardse oorsprong gekeken worden, maar de belangrijkste redenen om in die richting te zoeken, lijken tot dusver te zijn:

    1. het ziet er niet aards uit

    2. het ziet er buitenaards uit

    Geen sterveling die voor die buitenaardse oorsprong een bewijs zal kunnen aandragen. Als het al zo is dan zullen die buitenaardse dat bewijs zelf moeten leveren.

    Wat overblijft, zijn de ongeïdentificeerde gebeurtenissen van voor het Photoshop tijdperk, zoals u in uw lezing ook terecht opmerkt, maar die hebben dus niets opgeleverd. Zestig jaar oude verhalen over Roswell en dergelijke die geen eenduidig antwoord geven, laten dat zien. Militaire experimenten zullen ook in 1947 ongetwijfeld al met een waas van geheimzinnigheid en dwaalsporen zijn omgeven, en maken al die getuigenissen, OOK die van militairen, onbruikbaar.

    Tussen 1970 en 1980 heb ik me met het verschijnsel beziggehouden. Gestopt ben ik vanwege de impasse waarin het onderwerp zat en nog steeds zit. Ook het rondpompen van ufo-informatie op internet maakt daar geen eind aan. De chaos wordt er alleen maar groter op.
    Interessant zijn overigens de neurologische kenmerken van mensen die close encounters meegemaakt hebben.”

    Tenslotte: Op zich niets op tegen om het onderwerp op universitair niveau te onderzoeken, in tegendeel zelf.
    Maar niet met deze insteek.
    Wat voor Van Lommel geldt, geldt ook voor Vermeeren, heb ik het idee. Gangbare opvattingen moeten wel erg ver wijken voor nieuwe ideeen. Maar ik geloof niet dat de wetenschap ZO ruimdenkend is dat het moeizaam opgebouwde zonder redelijke tegenprestatie overboord kan.
    Mijn bescheiden ufopagina vindt men onder http://www.ufo.nl.
    (hier en daar zou een kritische aanpassing / aanvulling al weer gewenst zijn).

  32. toen ik de intro van filmpje 1 zag, met de Voyager ansichtkaart, mede bedacht door carl sagan, en er gesteld werd: bestaat buitenaards leven? “JA 100% ja statistisch bewezen…”
    dacht ik: “wat een mafkees?!”
    deze meneer heeft werkelijk niets van de werken van Carl Sagan begrepen dus.
    dat is erg, heel erg jammer…

    wie was er laatst vrij gelaten na veroordeeld te zijn op statistiek?
    ene Lucia de B?

    wetenschappelijk onderzoek naar ufo’s? leuk!
    liever heb ik wetenschappelijk onderzoek naar Meme’s en religie en geloof en t menselijk onvermogen zuiver wetenschap te doen
    (zoals Vulcans dat doen:-)
    daar zouden we werkelijk wat aan hebben, ons verpoppen tot een minder kinderachtig wezen.

    verder wil ik jullie nog vervelen met mijn motto:
    Wetenschap is een gereedschap, jammer alleen dat t handvat ons mensen niet goed past..

    groets Jax

  33. Voor wie geen zin heeft in met name het lange deel 2 van de video van Vermeeren, hier de openingstekst van zijn lezing waarin hij refereert naar deel 1:

    ‘Deel 1 laat eigenlijk heel sterk een paar conclusies zien namelijk dat er buitenaards leven is.
    Dat ze van boven in staat zijn om hier te komen en dat ze er in feite ook al zijn.
    Er zijn miljoenen waarnemingen geweest en van het aantal dat onderzocht is blijkt uiteindelijk 5-10 procent niet verklaarbaar met de normale wetenschap. Dat is niet weinig(!) En als wetenschapper zou je daarmee bezig moeten zijn omdat de getuigen die hiermee komen zeer betrouwenswaardig zijn.’

    Over dat woord ‘betrouwenswaardig’ struikelt Vermeeren, misschien omdat dat woord niet voorkomt in de dikke Van Dale. Op internet suggereert men ons dat we misschien ”betreurenswaardig” bedoelen!
    Volgens mij kan de wetenschap niet zoveel met getuigeverklaringen, en reproducerbaar is het verschijnsel evenmin.

    Voorts is bewijs voor buitenaardsen vooral af te lezen aan de tempels en piramiden die wij mensen nooit gebouwd zouden kunnen hebben.

    Enfin, aardig is te vermelden dat Vermeeren een lezing van Wubbo Ockels aanhaalt. Daarin zegt Ockels dat time is created by live in response to gravity. Ockels ziet een duidelijk verband tussen zwaartekracht op deze planeet en het creëren van tijd. Dit betekent dat op een andere planeet in een andere zwaartekracht je een andere tijd creëert. En omdat wij hier op aarde in onze eigen zwaartekracht onze tijd creëren kunnen wij ook geen buitenaards leven zien dat van een andere planeet komt. Maar, eindigt Wubbo Ockels, ik kan er ook ontzettend naast zitten. Daar herkennen we de wetenschap weer. Dat lesje heeft Vermeeren zelf kennelijk overgeslagen, gezien zijn eigen stellige intro. Klein excuusje is er wel. Zijn verhaal mocht hij houden in het kader van een ‘out of the box-lezing’.

    Het is te hopen dat de studenten zijn oproep om de cover-up bloot te leggen en een eigen zoektocht te beginnen, niet te letterlijk nemen. De ufo-historie leert dat dat een fulltime job is, en er zal ook nog echt gestudeerd moeten worden daar aan de TU in Delft.

    Voor de goede orde, het ufo-fenomeen bestaat op zich, denk ik. Maar zolang er niet een alien op mijn stoep staat, beschouw ik het als een onbekend fenomeen dat bij de aarde zelf hoort. Het tekent de alien-aanhangers dat je daar nooit eens wat over hoort, evenmin over neurologische onderzoeken bij getuigen die zogenaamde aliens ontmoet hebben. Dit zijn de echte terreinen waar voor universiteiten uitdagingen liggen.
    En wat Amerika betreft, ik verwed er een taart onder dat die ook niet weten wat het voorstelt, maar dat ga je als grootmacht uiteraard niet hardop zeggen.

  34. Ik moet al uw E-mails nog even lezen, maar gaat u allen vooral door met tips hoe men kan aantonen en bewijzen dat sommige verhalen onzin zijn.Zelf ben ik kunstenaar en er is bij mij in het atelier steeds een soortgelijk figuur als Clifford Stone, Phillip Corso of Coen Vermeeren over de vloer geweest en verteld aan mij ook zo’n soort verhaal, maar hij gaat nog verder. Omdat hij meerdere keren onverwacht aanbelde en ik hem er steeds uit gastvrijhijd in liet, heb ik bij twee van die gelegenheden een verborgen camera op de boekenplank gezet. Zijn verhaal is nog mooier als dat van Stone en Corso, we hebben hier zelfs te maken met de eindverantwoordelijke van het planetenstelsel, die via een soort zender in zijn slaapkamer zeer vertrouwelijk met zijn maten op het schip, de Soera’s, communiceert. Volgens hem zit er niets anders op dan de Annanakken (Anunaki’s) naar een andere planeet te verhuizen in een ruimtschip waar 3 miljard buitenaardsen die net zo groot zijn als mensen in passen, maar ze kunnen ook in hun eigen ruimteschip blijven. Hij hangt aan de telefoon met het Witte Huis en krijgt E-mails van Ban-ki Moon.
    U kunt mijn filmpjes bekijken als u op Youtube het woord “beeldvorming 2” invult. Het eerste filmpje gaat over mijzelf en mijn beeldhouwwerk en vanaf het tweede filmpje is die ufo-gelover te zien.

    Ik kan moeilijk begrijpen dat men dr Coen Vermeeren kennelijk serieus neemt aan de TU Delft en dat hij nog steeds de titel docter voor zijn naam mag zetten. Ik denk dat ze hem zijn gang laten gaan om nog vaker te lachen. Was het trouwens niet Sokrates de Spartaan die loog dat alle Spartanen leugenaars zijn?

    Koen Andringa

  35. Nog niet zolang dacht de mens dat de aarde plat was..Uit die verschrikkelijke wetenschappelijke verhalen opgesteld door omgekochte wetenschappers. Die er alle belang bij hebben om de mensen dom te houden. En hieronder uit de reacties blijkt dat ze dom blijven.De zogenaamde sceptische wetenschappers lachen zich rot, en kunnen hun geld makkelijk verdienen door onzin en vuilspuiterij te verkondigen.

  36. Ik geloof, dat ongeveer sinds het begin van de luchtvaart (met name straaljagers) het UFO-fenomeen als zodanig is opgedoken. Nu anno 2010 zijn we niets opgeschoten, behalve een gestage aangroeiende rij boekenruggen en vele bladen, met foto’s en filmpjes.
    Zou er dan nu eindelijk een doorbraak komen? Zucht…

    Er is bovendien nog een belangrijk element, en dat is de menselijke psyche, die van oudsher een “shamanistische” structuur heeft, d.w.z. het vermogen heeft om in alternatieve bewustzijnstoestanden alternatieve realiteitsbelevingen te genereren. Die realiteitsbelevingen zijn een soort omkeringen van de reële wereld. Dus bevatten UFO- en alien-ervaringen vaak actuele elementen, zoals ruimtevaartuigen, astronautjes, medische behandelingen, dingen met schijnwerpers (< auto's). Daardoor kunnen belevingen ongelogen zijn en is de persoon ook niet "gek". Het is gewoon een soort verwerking van de harde technologische werkelijkheid.(Zoals jagers vroeger het harde overleven door jacht en dieren doden ook herbeleefden in trance-gebeurtenissen, en in sommige landen mensen ervaringen hebben met ontvoering door elfen, als bewoners van de onbekende natuur). Het is de heer van Däniken, die uit rotstekeningen etc. etc. heeft geconcludeerd, dat er al sinds de oertijd al "goden" naar de aarde kwamen per ruimteschip. Volgens mij zijn die rotstekeningen etc.etc. óók in te delen bij de categorie shamanistische en/of trance-ervaringen, iets wat heel normaal en gezond is, zeker in toenmalige cultuur-fasen. In principe is leven elders altijd mogelijk (desnoods in fysieke vorm), maar deze rage kunnen we rustig laten uitrazen. A.J.G. v.d. Sandt

  37. v.d. Sandt,

    Ik geloof niet dat de “menselijke psyche, met haar van oudsher een shamanistische structuur” er verantwoordelijk voor kan zijn dan soms hele groepen mensen gelijktijdig ‘hemelverschijnselen’ zien (de term die prof.dr. C. de Jager in 1970 de Nederlandse Ufo-onderzoeker Hans van Kampen als enig juiste voorhield).
    Uiteraard is er daar boven wat aan de hand. Kunnen solo waarnemingen en ‘alien-contact’ nog aan individuele hersenspinsel opgehangen worden, en de wetenschap lijkt daar voorbeelden van te kunnen laten zien, hemelverschijnselen waar het publiek en masse getuige van is, is een ander verhaal.
    Wie het verschijnsel al decennia bijhoudt kan niet aan de indruk onsnappen dat de verschijningsvorm ook alleen maar talrijker wordt en het verschijnsel zich steeds moeilijker onder een noemer laat vangen waarvan in letterlijke zin dan ook nog steeds geen sprake van is. Dit suggereert u ook maar mag mijn inziens niet gepaard gaan met de suggestie (voor zover ik die uit uw verhaal mag opmaken) dat met het laten uitrazen van de huidige rage (waarmee u Vermeeren bedoeld?) het hele verschijnsel ook afgedaan is.

    Persoonlijk denk ik dat een onbekende aardse verklaring nog het meest voor de hand ligt voor iets wat zich feitelijk voor ons menselijk oog voordoet.

    Interessant is overigens te vernemen wat de huidige visie van Skepsis op het fenomeen is. Niet ten aanzien van buitenaards gedoe maar of men van menig is dat alle getuigen zich mogelijk vergissen er er dus mogelijk niets onverklaarbaars overblijft… Dit laatste lijkt me overigens een moeilijke stelling (bedenk ik me plotseling) daar het aantal verschijnselen dusdanig talrijk is dat het praktisch onmogelijk is om ze allemaal te onderzoeken en te classificeren. Maar ik wil uw menig hiermee uiteraard niet beinvloeden.

  38. Beste hr. de Boer,

    Met mijn berichtje heb ik een steentje willen bijdragen
    om (mogelijk) helderheid te brengen in de UFO-kwestie.
    Aan de ene kant is mijn “shamanistische psyche”-suggestie een serieuze gooi naar een verklaring, aan de andere kant zie ik mijn suggestie niet als bij voorbaat vaststaand.
    Er zijn ook andere (waaronder ook psychologische)mogelijkheden/verklaringen in omloop. Het aardige van een (lichte) trance-verklaring bij waarnemingen is dat deze juist groepen kunnen betreffen (ook bijv. bij het waarnemen van hemeltekenen bij bijv. Lourdes-bezoekers). En er kan natuurlijk wel eens sprake zijn van een fysiek reëel hemelverschijnsel, dat door onafhankelijke waarnemers wordt gespot.
    Wat mij echter verveelt aan het UFO-dossier, is dat het sinds pakweg 1947 niet “over de brug komt” met doorbraken. Het blijft bij schijnbewegingen, commotie, discussie. Aanvankelijk lezer-sympathisant, houd ik me er niet direct meer mee bezig. Wellicht blijft het UFO-dossier nog lang de gemoederen bezig houden. Het fenomeen “tekens aan de hemel zien” is, getuige oude geschriften en afbeeldingen oeroud. In onze moderne samenleving kan zoiets inderdaad intensiever worden, geef ik toe.

    A.J.G. vcan der Sandt

  39. Ik denk zeker te weten dat wij in de ruimte niet de enige levensvorm zijn, Maar de kans is zeer klein dat het te vergelijken valt met aardse levensvormen. Noch dat het qua intelligentie te vergelijken valt.

    In de tijd van de ontdekkingsreizen is genoteerd dat Indianen niet de schepen van de westerling zagen. Terwijl ze aan kwamen varen. Psychologisch werkt het zo dat in een gezonde situatie een mens pas iets herkent als deze weet wat hij moet herkennen.

    Een gedachte dat ik heb: in het verleden (middeleeuwen) wist men ook niet hoe de aarde met de diverse levensvormen eruit zag. Noch dat er naast de Euro-/Aziatische continent andere continenten bestonden met (menselijk) leven. De ruimte zal niet anders zijn.
    We weten nog te weinig om hier sceptisch over te doen. Maar we weten genoeg om te beseffen dat de psyche van de mens behoorlijk misleidend kan zijn.
    Hiertussen zal daarom voorlopig het spanningsveld blijven bestaan, wat het kritisch vermogen scherp houdt.

    Een aardige noot over de overheid in deze`;
    Kortgeleden (2009) is de afdeling bij de Britse defensie die zich met UFO registratie bezig hield en noteerde opgeheven. Al deze documenten zijn online geplaatst door de Britse overheid.

  40. Jeroen Wanders, (14.35)

    Je link is toch als grapje bedoeld, mag ik aannemen?

    De boeken op de site doen me denken aan een boek uit de jaren zeventig, getiteld: Buitenaardse Beschaving van Stefan Denaerde.

    De wereld van de wetenschap is nooit die van de gewone man geworden (misschien is dat die wetenschap aan te rekenen, ik weet het niet). Gevolg is wel dat het vaak meer fantasy is dan wetenschap dat de burger in het onbekende aantrekt.

  41. Is er eigenlijk al iets veranderd op de TU Delft? Ik vond het wel opvallend dat de media dit keer niet (erg) geïnteresseerd waren.

  42. De voorzitter van Skepsis, prof. Sluijter, heeft in juni al een brief gestuurd naar het bestuur van de TUD. Maar voor zover ik weet, is men er tot nu toe niet in geslaagd om deze te beantwoorden.

  43. Ja, het is dan ook wel een zeer ingewikkelde kwestie… 😛 Misschien dat Coen Vermeeren nog wat versterking zal ondervinden door het nieuws dat de NASA morgen gaat brengen.

  44. Ja, morgen is het eindelijk Disclosure Day. Maar volgens welingelichte kringen krijgen we weer geen aliens te zien, maar slechts een dooie mus.

  45. Vanuit buitenaards perspectief is onze (al dan niet dooie) mus ook een alien… Als je het goed bekijkt, zijn we dus elke dag omringd door aliens… 😉

    Toch zal er zeker leven op vele plaatsen in het heelal zijn. Jan Willem zal ons dat statistisch gezien wel willen bevestigen. Ik stel mij dan toch voor dat het organisch leven is dat lijkt op het onze. Mogelijk hebben de ‘mensen’ daar een hoorn op hun achterhoofd en maar twee tenen per voet in plaats van vier. En leven er nog dino achtige wezens! Star Trek zit er misschien niets eens erg ver naast. De bouwstoffen zijn vergelijkbaar (één heelal of meerdere?) en de principes ook redelijk. Ik denk dat het leven ‘daar’ dus niet ‘onvoorstelbaar’ is voor ons mensen….

    Ik ben wel nieuwsgierig naar de brief van professor Sluijter. Mag die openbaar gemaakt worden?

  46. De meeste astronomen denken dat er met 100 miljard sterren in onze Melkweg, en 100 miljard stelsesl zoals onze Melkweg wel ergens leven zal zijn.

    Op het ogenblik worden er bij niet al te ver afgelegen stelsels planeten ontdekt. Het zijn er niet zo veel. Maar als je nagaat op welke manier men zoekt toch weer wel. Men zoekt sterren waar zo’n planeet precies voor de zon langs komt, met andere woorden planeten waarvan het baanvlak vrijwel precies onze kant uit wijst. De kans dat de aarde vanuit een willekeurig punt van de ruimte zo detecteerbaar is, bedraagt ongeveer een half procent (= percentage van de hemel waar de zonneschijf in een jaartijd langskomt).

    Niemand weet goed wat de kans is dat er zich leven ontwikkelt op een planeet. Dus statistiek kun je er strikt genomen niet aan verrichten. Hetzelfde geldt voor ‘intelligent’ leven.

    Eén reden om te denken dat leven niet zo bijzonder is, ligt in het feit dat voor zover valt na te gaan de ontwikkeling van leven op aarde al vroeg begonnen is, zogezegd vrijwel onmiddellijk toen de omstandigheden (vloeibaar water, niet te warm) het toelieten.

    Een andere reden is de overweging dat leven in de eerste plaats reproductie is. Elke groep chemicaliën die netto de vorming van meer chemicaliën uit dezelfde groep bevordert door katalyse (bijv. stofje A bevordert de vorming van B, terwijl B de vorming van A bevordert, of hetzelfde idee met meer stoffen en ingewikkelder relaties) is al een begin van leven. Natuurlijke selectie zal de meest efficiënte groep bevorderen. Een bron van energie is er ook nodig, bijvoorbeeld temperatuurverschillen of invallende straling. Zo bijzonder lijkt dat niet, al weten we nog ongeveer niks van het leven er bij ons uitzag voor het stadium DNA+enzymen.

    Maar diezelfde astronomen weten ook heel goed dat het uitgesloten is dat we ooit contact krijgen met intelligent leven van buiten ons zonnestelsel. Te ver.

    Sten stelt zich buitenaards leven nogal aards voor. Misschien is er wel intelligent leven onder het ijs van Europa. Maar als dat een plantaardige vorm (ik stel me een netwerk van schimmeldraden voor met een oppervlakte van enkele vierkante kilometers) is met een levenstempo dat een miljoen keer lager ligt dan het onze, dus om 1 lettergreep ‘uit te spreken’ hebben ze twee dagen nodig, dan is het maar de vraag of wij slim genoeg zijn om in de gaten te hebben dat er leven is.

    Als er leven is dat maar een heel klein beetje intelligenter is dan wij, dan is het misschien tot de conclusie gekomen dat bemande ruimtevaart en zoeken naar leven buiten de eigen planeet onzin is.

    Met miljarden mensen en ontelbaar veel meer andere levensvormen op aarde is hier genoeg te bestuderen.

  47. Hoi JW.

    Bedankt voor je duidelijke en interessante toelichting! Ik kan me wel meer voorstellen dan alleen aards achtig leven. Ik zei het om mezelf wat speelruimte te geven, om er wat meer grip op te krijgen.

    Toch ben ik het niet geheel eens met je conclusie van ‘te ver’ om contact te kunnen leggen, hoewel jij hier geen definitieve uitspraak over doet. Wat als die buitenaardse vormen andere wijzen gevonden hebben afstanden te overbruggen? Wat als wij dat al hebben? Vergelijk: astraal… Er is namelijk nog steeds niet bewezen dat de astrale wereld niet bestaat. 🙂 En je kunt dat wel omdraaien, maar ik kan dat ook.

    Met je slotconclusie ben ik het van harte eens. Wat ik werkelijk uitermate lomp, stekeblind en en olie dom vind, is hoe men onze prachtige aarde sloopt alsof het niets is. Terwijl elke levensvorm – denk aan een vogel, een kwal, een boom, een insect – een wonder op zich is van creativiteit en kracht. Denk maar eens aan wat je zelf hier schreef: wat er allemaal aan vooraf gaat, hoe die selectieprocedure gaat en hoe lang dat duurt.
    De oerwouden te slopen, de olifanten en tijger neer te knallen. De mens is waarlijk niet het slimste wezen, ik zou het bijna willen omkeren! Ook is er inderdaad nog zoveel op de aarde te ontdekken. Maar dan moet de aarde wel intact blijven natuurlijk.

  48. Als de aliens komen, dan merken we het wel, behalve als ze zich blijven verstoppen, zoals ufogelovigen veronderstellen. Ufologen zoeken naar wezens die overduidelijk niet gevonden willen worden.

Reacties zijn gesloten.