Skip to main content

Veroordeling chiropractor wegens titelfraude

Chiropractor S.I. Molina uit Assen noemt zich ‘Dr.’ op zijn website. Hij is niet gepromoveerd, dat wil zeggen heeft geen proefschrift geschreven en verdedigd, en bedient zich dus ten onrechte van een beschermde titel. Op 6 februari 2013 werd hij door de kantonrechter te Assen veroordeeld tot een voorwaardelijke boete van 1500 euro met een proeftijd van twee jaar. Bestuurslid van de Vereniging tegen de Kwakzalverij Cees Renckens (rechts op de foto) en Skepsis-secretaris Jan Willem Nienhuys (links) gingen luisteren bij de rechtszaak. Hieronder is hun beider verslag.

[Het hof heeft inmiddels in hoger beroep beslist dat een Amerikaanse opleiding tot chiropractor (Doctor of Chiropractic) het recht geeft om in Nederland een universitaire doctorstitel voor de naam te plaatsen, ook al heeft er geen promotie plaatsgevonden en zijn chiropractoren geen artsen. De heer Molina mag zich dus voortaan met instemming van het gerechtshof in Leeuwarden Dr. Molina noemen.]

Een middagje Assen

J.W. Nienhuys en C.N.M. Renckens

De zaak Molina kwam op een aanvankelijk zonnige woensdagmiddag bij het kantongerecht in Assen voor. Servando I. Molina Teran (33) is een chiropractor die praktijk voert in Assen en die zich op zijn website ‘Dr. Molina’ noemt. Op de websites van de VtdK en Kloptdatwel is al uitvoerig gesproken over Molina:

21 juni 2011:  Titelfraude door chiropractoren

15 februari 2012: OM waarschuwt chiropractor die de titel dr misbruikt

15 februari 2012: Persbericht VtdK en Skepsis over titelmisbruik onder chiropractoren

Daarna bleef het enige tijd stil, omdat eerst het klaagschrift van Molina’s advocaat Job van Broekhuijze behandeld moest worden. Het komt maar zelden voor dat een verdachte die er genadig afgekomen is met een voorwaardelijk sepot, eist dat de rechter zich uitspreekt. Het klaagschrift werd dan ook afgewezen op 28 juni 2012. Het hele klaagschrift was overbodig omdat door de opzettelijke overtreding van de voorwaarden van het sepot er al genoeg reden voor een rechtszaak was. Vervolgens werd echter verzuimd dit door te geven aan de Officier van Justitie. Als Renckens niet het hele land had afgebeld om uit vinden wat er gebeurd was, was de hele zaak wellicht geruisloos vergeten.

Hoe dan ook, op 6 februari 2012 was het eindelijk zover. Renckens, die de aangifte had gedaan, en Nienhuys waren bij de zitting aanwezig als belangstellenden. De eerste verrassing was er al in de wachtruimte. Daar kwamen Van Broekhuijze en zijn kantoorgenote mevrouw mr. E.H.C.M. Biemans in vol ornaat opdagen, maar de verdachte was er niet. Volgens Van Broekhuijze had dat weinig zin, omdat het toch eigenlijk ging om de status van alle chiropractoren.

Toen de zitting begon, werd Van Broekhuijze al meteen door de rechter terechtgewezen: niks proefproces, het ging uitsluitend over het strafbare feit van de verdachte, meneer Molina. De rechter en de officier van justitie namen er aanstoot aan dat de verdachte niet zelf verschenen was. De reden is dat de rechter bijvoorbeeld van hem te weten wilde komen of hij zelf wel snapte hoe de Nederlandse titelbescherming in de Nederlandse samenleving is ingebed. Dat zouden wij als toehoorders ook wel willen weten. Molina, geboren in Mexico en opgeleid in Texas, weet misschien helemaal niets van de Nederlandse gebruiken. Die extra informatie die de ondervraging van de verdachte oplevert is niet zozeer van belang om vast te stellen of hij schuldig is, maar wel voor de bepaling van de strafmaat.

Een tweede verrassing was dat Molina voor twee feiten terecht stond. Het eerste feit was zijn titelmisbruik vanaf de aangifte tot aan het ogenblik dat hij in verband met de voorwaardelijke seponering zijn onterechte titel van zijn welkomstpagina had verwijderd, en het tweede feit is het daarop volgende titelmisbruik toen hij zijn titel weer terugzette, waarschijnlijk op instigatie van zijn juridisch adviseur.

De positie van de Officier van Justitie was helder en ook voor de rechter was er geen twijfel mogelijk. In Nederland betekenen de letters ‘dr.’ voor je naam dat je gepromoveerd bent door het schrijven en verdedigen van een proefschrift. Artikel 7.22 van de WHW geeft nauwkeurig aan hoe die graad in Nederland behaald moet worden en art. 7.23 gaat over hoe men buitenlandse graden in Nederland erkend kan krijgen. WHW 7.23 lid 1 zegt dat men een buitenlands diploma in Nederland in de naam tot uitdrukking mag brengen op dezelfde wijze als in het land waar het diploma behaald is. In het bijzonder geldt dat voor de chiropractorstitel. Een chiropractor mag in ons land D.C. achter de naam schrijven of voluit Doctor of Chiropractic schrijven, hoewel de officier in een bijzinnetje stelde dat ook daarover discussie zou kunnen bestaan. De ‘accreditatie’ van de opleiding in de VS wordt niet door de overheid aldaar gedaan, maar door de chiropractoren zelf. Misschien verschillen de regelingen ook nog per lidstaat. Lid 4 van artikel 7.23 WHW gaat uitdrukkelijk over de doctorstitel (‘dr’, punten en hoofd- en kleine letters zijn irrelevant). Wie bijvoorbeeld in de VS gepromoveerd is, mag daar PhD achter de naam schrijven. Wil men dan in Nederland ‘dr.’ voor de naam schrijven, dan hoort men dat officieel te laten beoordelen door de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO). In de VS wordt de aanduiding ‘dr.’ voor de naam, en de aanspreekvorm ‘doctor’ gebruikt door een nogal heterogene groep: artsen, tandartsen, gepromoveerden, dierenartsen, natuurgenezers, optometristen, osteopaten en ook chiropractoren. Het is een aanspreekvorm zoals ‘dokter’ in Nederland, maar geen wettelijk beschermde titel die een specifiek diploma aanduidt. Zoiets als ‘Mr.’ voor een man, dat mag ook niet in Nederland, zoals de Officier van Justitie beklemtoonde. Dat hoefde ze natuurlijk niet omstandig uit te leggen aan meesters in de rechten zoals de rechter en de advocaten.

Mw. mr. Biemans deed voornamelijk het woord. Ze hield vol dat ‘dr.’ een passende benaming was voor een persoon van het hoge opleidingsniveau van Molina. Wij vernamen uit haar mond zelfs dat Molina eigenlijk een arts was (als Molina dat zelf zou zeggen, zou hij het nog veel erger aan de stok krijgen met IGZ, hij is op geen enkele manier BIG-geregistreerd, laat staan als arts; ook in de VS zou hij zich geen M.D. mogen noemen). Volgens haar was het verschil dat een arts mocht snijden en geneesmiddelen voorschrijven. Ondertussen kregen we nog een korte cursus ‘Geschiedenis en wezen van de chiropraxie’. De chiropraxie zou eigenlijk al heel oud zijn en in 1895 zijn herontdekt door Palmer. (De sceptische versie is dat de kruidenier en magnetiseur David Palmer de methode gejat heeft van de osteopaat Andrew Still.) Eigenlijk kwam het erop neer dat de beide advocaten weigerden in te zien dat de Angelsaksische aanspreekvorm ‘doctor’ niet verwijst naar een specifiek diploma, en dat ze het voor Molina van het grootste belang vonden dat Molina zich met deze titel kon onderscheiden van andere chiropractoren die geen ‘Doctor of Chiropractic’ waren. Uit het betoog werd niet duidelijk waarom ‘Doctor of Chiropractic’ dit doel niet kon dienen. Mr. Van Broekhuijze zat er grotendeels voor spek en bonen bij, maar werd al spoedig scherp terechtgewezen door de rechter omdat hij wel alsmaar storende handgebaren zat te maken. Op een gegeven ogenblik mocht hij een vertoog houden over de mate van erkenning van chiropractische organisaties. Zo beweerde hij dat chiropractors alleen maar niet BIG-erkend waren omdat ze het gebruik van röntgenapparatuur niet hadden willen afzweren. De aanvraag van een BIG-status voor chiropractors zou thans opnieuw lopen.

Maar er was slechts één vraag van werkelijk belang: heeft Molina een proefschrift geschreven en heeft hij in de VS het recht zich PhD te noemen? Daarop moesten zijn beide raadslieden het antwoord schuldig blijven. Ook op de tweede vraag: ‘Als hij dan zo’n hoogwaardige opleiding heeft gehad, waarom is hij dan niet naar DUO gegaan om zijn titel te laten erkennen?’ kwam geen antwoord, anders dan een herhaling van het argument dat volgens WHW 7.23 lid 1 zoiets helemaal niet nodig is: iedereen in de VS spreekt ze aan met doctor, dan mag het hier toch ook?

Opvallend was dat zowel rechter en officier van justitie probeerden uit te leggen waar die titelbescherming voor is: als iemand zich tot een zorgverlener wendt, dan geeft die titel een garantie dat de betrokkene aan bepaalde eisen heeft voldaan.

De Officier was kort in haar eis. Voor beide feiten samen 2000 euro boete, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De advocaten vroegen om een schriftelijk vonnis, om hoger beroep makkelijker te maken. Nadat de rechter zich even terug had getrokken voor beraad (met de griffier) deed hij toch direct mondeling uitspraak. Voor beide feiten elk 750 euro boete, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Het geheel had bijna anderhalf uur geduurd.

In feite was de zienswijze van de rechter (‘dr.’ = gepromoveerd) dezelfde als die van de Officier van Justitie en die van DUO en ook dezelfde als die Nienhuys herhaalde malen aan Van Broekhuijze en Biemans had uitgelegd, de laatste maal per e-mail op 16 en 21 februari 2012. Zelfs het instituut waar Molina was afgestudeerd had expliciet verklaard dat diens diploma recht gaf op de titel Doctor of Chiropractic, afgekort als D.C. achter de naam. Daarop had ze als commentaar slechts dat het ‘nu aan de rechter is om een einde aan de discussie te maken’. Te vrezen valt dat het duo Van Broekhuijze – Biemans zich niet bij het oordeel van de kantonrechter zal neerleggen, want al voor de zitting zeiden ze dat ze bij niet-vrijspraak in beroep zouden gaan.

In feite is Molina het slachtoffer van de ondeskundige adviezen van Van Broekhuijze, want Molina heeft nu de komende vijf jaar een niet-blanco strafblad.

Dit artikel delen:Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someonePrint this page

19 gedachten over “Veroordeling chiropractor wegens titelfraude

  1. Gaf de rechter nog uitleg waarom hij een lagere straf oplegde dan geëist? Lijkt er een beetje op alsof die ook mee heeft genomen dat Molina slechte adviseurs had uitgekozen.

  2. De rechter gaf geen toelichting. Het gebeurt vaak dat de rechter wat milder is. Je kunt je zelfs voorstellen dat de rechter het daarmee technisch mogelijk maakt voor het OM om in beroep te gaan. Het verschil tussen 1500 en 2000 voor ‘als ie het nog eens doet’ is onbelangrijk.

  3. Mee eens: het neigt hier naar een charlatanerie van de advocaten, die zich in bochten blijven wringen om een juridisch gelijk te halen. En Dhr. Molina DC kan ze honorarium blijven betalen. Dat DC staat toch ook heel mooi? TVDS

  4. Ik vraag me af of Molina wel iets betaalt. Advocaat Biemans is voorzitter van de Stichting Dutch Chiropractic Federation (DCF), waar Molina lid van is. Ze is ook voorzitter van de Christelijke Chiropractoren Associatie (CCA). En ze is ook voorzitter van de Stichting Nationaal Register van Chiropractoren (SNRC), die een ledenlijst bijhoudt van de DCF en CCA.

    Deze drie clubs zijn opgericht door Job van Broekhuijze, hij is formeel geen bestuurslid van deze organisaties, maar zijn echtgenote mw. E.M. van Broekhuijze-Olmer is penningmeester van alle drie én medefirmant van het advocatenkantoor.

    Dus wat doet een chiropractor die een brief over titelmisbruik krijgt in het Nederlands (die hij of zij nauwelijks begrijpt)? Die stuurt zo’n brief naar het kantoor van Van Broekhuijze, die dan verder alle acties onderneemt. Daarom, zo vermoed ik, kwam Molina niet naar de zitting.

    Laatst heeft Van Broekhuijze zelfs een kort geding aangespannen om te voorkomen dat de Reclame Code Commissie zich zou uitspreken over een klacht tegen een chiropractor. Verloren natuurlijk. Kosten 1391 euro voor de verliezende partij.

    Zie:
    http://zoeken.rechtspraak.nl/detailpage.aspx?ljn=BX3886

    Ik denk dat al deze kosten worden bestreden uit de contributies die de DCF- en CCA-leden betalen.

  5. @JWN

    Dus, begrijp ik, hebben we hier te maken met een advocaat, die een belang heeft bij (de uitslag van) dit geding, buiten dat van het met succes uitoefenen van zijn beroep als advocaat (o.m. het recht te dienen). En, begrijp ik, dat kan/mag in de rechtszaal.
    Echt héél bedenkelijk. Maar denk ik, dat kan ook tegen de advocaat zelf werken, tenzij deze werkelijk juridisch sterk zou staan. TVDS

  6. Wat die advocaten doen is natuurlijk niet ongebruikelijk. Biemans is blijkbaar betrokken bij al die vakorganisaties van chiropractors. Zo’n proces wordt dan dankbaar aangegrepen als springplank voor de meer algemene belangenbehartiging.

    In de VS hebben we minder last van homeopathie. Maar een chiropractor vind je zo ongeveer op iedere straathoek. Het is controversieel (zie http://www.chirobase.org/) en ook in de VS is een groot gedeelte van de bevolking zodanig naïef dat ze denkt dat het hier om echte professionele medische dokters gaat. De tragische waarheid is dat een chiropraxieopleiding wat betreft de toelatingseisen en de duur doorgaans niet veel verschilt van een verpleegstersopleiding.

  7. Voor de goede orde: die chiropractorenorganisaties DCF (70 leden) en CCA (29 leden, van wie 11 ook van DCF) zijn tamelijk klein ten opzichte van de Nederlandse Chiropractoren Associatie (246 leden), die niets van deze flauwekul moet hebben. Dat (nl. dat de NCA zich niet voor die dr.-kwestie interesseert) kwam in de rechtszaal ook even ter sprake.

    Ironisch genoeg zijn Van Broekhuijze/Biemans fel gebeten op die NCA omdat die voor röntgenapparatuur voor chiropractoren zijn. De NCA verzet zich ook tegen het OM, want dat wil dat ze de zgn. IDXA niet meer gebruiken.

  8. Van Broekhuijze heeft hoger beroep ingesteld. Ondertussen is de website van Molina geheel vernieuwd (oogt trouwens stukken beter), en elke vermelding van wie er in ‘het team’ zitten is onvindbaar. Op de hele website komt – behalve in de naam van het rugcentrum – zelfs de naam van Molina helemaal niet meer voor, laat staan met al dan niet terechte titels.

  9. Ze is ook voorzitter van de Christelijke Chiropractoren Associatie (CCA).

    Dit vind ik ook zoiets wonderlijks, blijkbaar is er een verschil tussen christelijke en niet-christelijke chiropractoren, hetgeen bij mij de vraag oproept wat dat onderscheid dan is.

    Op hun website staat:

    Het uitgangspunt van de CCA is dat ieder mensenleven bescherming verdient, ongeacht de levensfase of de kwaliteit van het leven. Ongeboren of hoogbejaard, ziek of gezond: ieder mens mag er zijn!

    Ze zijn dus tegen euthanasie en abortus, maar aangezien bij mijn weten chiropractoren zich daar niet mee bezighouden, zie ik de relevantie daarvan niet.

  10. Dag JennyJo,
    Ze bedoelen natuurlijk eigenlijk met een verborgen agenda bij die CCA: iedere mens moet er zijn, ook tegen wil en dank als dat zo uitkomt. Jammer maar helaas, het opperwezen wil het nu eenmaal.

  11. iedere mens moet er zijn, ook tegen wil en dank als dat zo uitkomt.

    Precies. En als mens zijnde heb je daarover wat de gristenen betreft zelf helemaal niks in te brengen. Dat is dus precies wat me zo ergert: die eeuwige bemoeizucht met andermans leven uit naam van dat “opperwezen” van ze.

  12. Ze mogen natuurlijk voor zichzelf helemaal vinden wat ze willen. Niets op tegen. Als christenen zelf willen creperen van pijn of van klaar zijn met het leven, dan gaan ze hun mensonterende gang maar. Maar verhinder niet op welke wijze dan ook dat een ander een andere mening heeft en ga daar niet via wetgeving vóór liggen. Die bemoeizucht staat me nu zo gruwelijk tegen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn van hun geloof?
    De uitnodiging geldt nog steeds, JennyJO.

  13. De uitnodiging geldt nog steeds, JennyJO.

    Dat vind ik erg fijn om te horen. Ik mail je binnenkort!

  14. Het is niet zo mooi om mensen met afval te vergelijken. Is er enig bewijs voor?

  15. uit betrouwbare bron te horen gekregen dat oud NCA leden die veranderen van vereniging onder de CCA gestald worden vanuit de angst dat ze mogelijk de ‘moeder’ vereniging DCF zouden kunnen infiltreren en overnemen. Zo begrijp ik dat er een aantal CCA leden die door de NCA geroyeerd zijn of zijn opgestapt omdat de kwaliteitseisen te hoog lagen. Dat heet christelijke barmhartigheid.

  16. Laten we wel wezen, de opleidingseisen voor de studie chiropractie zijn gelijk aan die van de medische faculteit, en het is een 5 jarige fulltime universitaire studie!
    Ik heb het niet over de titel, is ook niet interessant, het is een M.Sc. en inderdaad wordt er ook vaak D.C. gebruikt.
    Het is dus géén HBO-V of zo!!!!!

  17. U.L. is een chiropractor die volgens haar website een opleiding in het VK heeft gehad. Het zal best dat de opleiding 5 jaar duurt, maar het is ongeloofwaardig dat U.L. zou kunnen weten of die gelijkwaardig is met een medische opleiding. Als dat zo was, zouden in het VK de chiropractors door de artsen als gelijkwaardig beschouwd worden en zou onze eigen Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) de opleiding als gelijkwaardig erkennen.

    Op
    http://www.aecc.ac.uk/undergrad/courses/chiro/content.aspx
    ziet men wat de opleiding ongeveer inhoudt.

    iemand die vertrouwd is met wat een medische studie inhoudt, moet maar zeggen of dit vergelijkbaar is met een moderne medische studie.

    Er komt natuurlijk nog bij dat de hele chiropraxie berust op het idee van een subluxatie. Maar subluxaties bestaan niet.

    De opmerking over HBO-V slaat kennelijk op wat Martin Bier schreef, dat in de VS de toelatingseisen voor de studie vergelijkbaar zijn met die voor een opleiding tot verpleegkundige. Dat is toch net iets anders dan het niveau van de studie zelf. Het hoger beroepsonderwijs in het VK is al enige jaren geleden ook van naam veranderd, het zijn nu allemaal ‘universiteiten’. Dus iemand die daar naat toe gaat kan zeggen dat die een universitaire studie gevolgd heeft.

    Preciezer:
    1. als chiropractors moeten beoordelen of en waar er subluxaties zijn, komen ze niet tot dezelfde conclusie;
    2. als een chiropractor een ‘subluxatie’ heeft behandeld, kan een andere chiropractor dat niet nagaan.

    Systematische behoorlijk geblindeerde én geslaagde proeven op dat gebied worden niet gedaan.

    Als men vijf jaar besteedt aan het bestuderen van iets dat niet bestaat, dan is dat niet vergelijkbaar met universitaire studie.

    3. In de chiropraxie worden subluxaties aangezien voor de oorzaak van tal van ziekten waarvoor de geneeskunde allang de oorzaken tot in detail kent en die niets te maken hebben met het functioneren van zenuwen in het ruggenmerg.

Reacties zijn gesloten.